Archive for 20/11/2019

Zestal verliest

In de vijfde ronde van de provinciale competitie heeft het zestal van LDG met het kleinst mogelijke verschil verloren van Van Stigt Thans uit Schiedam. Ven Stigt Thans had de eerste vier rondes steeds met 6-6 gelijkgespeeld en dat had ook best een vijfde keer kunnen gebeuren. Maar Van Stigt Thans had deze keer geluk: naast vijf remises, was er één winstpartij. Waar overigens twee winstpartijen van de Leidenaars tegenover hadden kunnen staan. Maar als “hadden” komt….

De wedstrijd werd geopend met een tamelijk geruisloze remise tussen Casper Remeijer en Frits Luteijn. De tweede remise kwam op naam van invaller Evert Bronstring, maar daarover valt nog wel een opmerking te maken. Evert had een goede partij gespeeld, waarin hij steeds ruimschoots aan de leiding was gegaan. Maar het lijkt erop dat hij in het eindspel heeft nagelaten de spreekwoordelijke kroon op zijn werk te zetten.

Zestal_VST_1

Evert Bronstring – Waldo Aliar

Stand na de 56e zet van zwart.

Evert speelde hier 29-23? En na (44-49) werd remise overeengekomen.

Wit had het zwart aanzienlijk moeilijker kunnen maken, als hij in de diagramstand 37-32! Had gespeeld. Zwart kan nu geen dam halen en omdat wit dat er zetten lang in kan houden, offert de computer direct: (26-31), 36×27. Op (44-49) speelt wit nu 2-35 en in verschillende varianten lukt het wit – soms ten koste van een schijf – een tweede dam te halen, waarna de zaak wel bekeken is. Op (50-44) speelt wit 32-28, waarna zowel 50-45 als 50-44 verhinderd zijn.

Alles bij elkaar lijkt wit hier een waarschijnlijk gewonnen stelling op het bord te hebben.

Na deze gemiste kans verloor Hans Kreder. Hij liep een groot deel van de partij achter de feiten aan en het diagram geeft mijns inziens het daarvoor belangrijkste moment aan.

Zestal_VST_2

Tiny Mous – Hans Kreder

Stand na de 26e zet van wit.

Zwart speelde hier (21-27!?) en kreeg na 33-29 min of meer geforceerd spel. Ik ga zeker niet stellen dat zwart na (21-27) verloren staat, maar als zwart (23-28) had gespeeld en daarna pas (21-27) lijkt de stand van zwart veel gemakkelijker speelbaarder dan in de partij.

Het partijverloop vanuit de diagramstand was: (21-27), 33-29 (2-8), 30-25 (4-10), 38-33 (23-28), 42-38 (28-32?) Hierna komt zwart definitief in het nadeel. Beter was (18-23×23).

Steven den Hollander speelde een gelijkwaardige remise, waarin de computer geen spannende momenten aangeeft. Dat geldt ook voor mijn partij, maar tijdens de partij had ik zelf in ieder geval het gevoel dat het heel spannend was. Het belangrijkste fragment.

Zestal_VST_3

André van der Kwartel – Ton Burgerhout

Stand na de 26e zet van zwart.

Na 30-25 verzonk de zwartspeler in langdurig nadenken. Uiteindelijk volgde (11-16), 47-42 (17-21), 26×17 (12×21), 42-37 (7-12), 30-25 (15×24), 29×9 (13×4), 33-29 (19-23) en hier de grote teleurstelling: – die ik wel al eerder had zien aankomen – ik heb geen goed tempo om de ruil 40×29 met de dreiging van schijfwinst erin te houden. Dus: 31-26 (23×34), 26×17 (12×21), 40×29 en na (27-32) liep de partij geruisloos naar remise.

Hans Tangelder sloot de wedstrijd af met een remise, maar hij had ook voor de eindstand 6-6 kunnen zorgen als hij op de 29e zet niet een eenvoudige schijfwinst had gemist.

Zestal_VST_4

Guido van den Berg – Hans Tangelder

Hans meende hier schijfwinst te forceren met: (17-22), 28×17 (13-18), 23×12 (14×23), 29×18 (8-13), maar dat viel tegen: 17-11 (16×7), 39-33 (13×22), 32-28 (7×18), 28×17 en de stand bleef gelijk.

Maar Hans had in de diagramstand ook op een degelijker manier een schijf kunnen winnen: (13-18), 23×21 (16×27), 32×21 (14×43), 49×38 (26×17) met schijfwinst.

Tiental stelt teleur

André van der Kwartel

In de derde competitieronde heeft het tiental met 10-10 gelijkgespeeld tegen het tweede team van de Damcombinatie Zaanstreek. Een teleurstellende uitslag omdat Zaanstreek 2 duidelijk zwakker werd geacht en tijdens de wedstrijd LDG dan ook aantoonbaar meerdere opgelegde kansen heeft laten liggen.

Zaanstreek opende de score met een damcombinatie die Hans Kreder volledig verrast moet hebben.

Tiental_Zaanstreek_2_1

Johan Veerman – Hans Kreder

Stand na de 30e zet van wit.

Gedurende de eerste dertig zetten van deze partij was er helemaal niets interessants gebeurd. Heeft dat de zwartspeler in slaap gesust? In ieder geval speelde hij hier – waarschijnlijk zonder zorgvuldige zetcontrole – de logisch lijkende opbouwzet (20-24??) en werd verrast door: 32-28!! (22×35), 45-40 (35×44), 43-39 (44×33), 38×9 (13×4), 27-21 (16×27), 31×2 en zwart gaf op.

Jack van der Plas maakte al snel gelijk. Hij won een schijf in een leerzaam fragment.

Tiental_Zaanstreek_2_2

Jack van der Plas – Martin Berends

Stand na de 31e zet van wit.

Een gelijkwaardige stand, waarin zwart wel zorgvuldig moet spelen. Zwart gaat echter onnodig tot actie over. (24-29!?), 33×24 (7-12??). [(8-12) had de stand nog gelijk gehouden, nu wint wit een schijf.] 39-33 (23-29), 24-20 (15×24), 40-34 (29×40), 45×34 [Als zwart (8-12) had gespeeld, was nu (18-23) mogelijk geweest.] (14-20??), 25×23 (18×40), 30×19 (13×24), 35×44. Een te drieste actie van zwart. Wit staat nu een schijf voor zonder dat daar voor zwart enige compensatie tegenover staat. In plaats van (14-20) had zwart nog kunnen tegenstribbelen met (18-23!). Wit moet wat. 33-29 (24×33), 38×7 wordt weerlegd door (8-12), 7×18 (13×31), waarmee zwart zelfs nog tegenkansen zou krijgen. Wit kan daarom beter een schijfje extra geven: 27-21 (26×17), 33-29 (24×33), 38×7. Nu heeft zwart als weerlegging: (14-20), 25×23 (13-18), 23×21 (16×47). Het lijkt dat wit hier nog een lastig eindspel tegemoet gaat. Daarbij een kleine kanttekening dat zwart snel in de fout kan gaan: 7-2 beantwoorden met (47-41) levert een verloren vier-om-twee eindspel op.

We konden weer optimistisch naar het scorebord kijken, toen zich het onverwachte drama op het bord van Evert Bronstring afspeelde.

Bart van Geel – Evert Bronstring

Tiental_Zaanstreek_2_3

Stand na de 34e zet van wit.

Vanaf dit moment stak Evert veel energie in de partij, resulterend in een gewonnen stand. Ik geef het partijverloop vanuit de diagramstand: (23-29!), 34×23 (18×29), 45-40 (3-8), 47-42 (12-18), 42-37? [Beter was 28-22.] (18-23), 28-22? [Nu had wit beter 48-43 kunnen spelen. Na de tekstzet staat wit verloren.] (8-12), 48-43 (11-16), 43-39 (6-11), 39-34 (12-17????). 25-20!. Een afschuwelijke blunder. In plaats van (12-17) was de partij na (15-20) totaal gewonnen voor zwart. Om de omvang van deze gruwel te illustreren: de waardering van de computer slaat om van -4 in het voordeel van zwart naar +6 in het voordeel van wit…..

Maar op zo’n dramatisch moment in de wedstrijd is er altijd nog Hans Tangelder. Hans zou uiteindelijk met een bekende combinatie winnen, maar ik pak zijn partij iets daarvoor op:

Tiental_Zaanstreek_2_4

Erik van der Haar – Hans Tangelder

Stand na de 37e zet van wit.

Hans laat hier een kans op groot voordeel achterwege. (12-17!). Dreigt met (17-22). De zogeheten bomzet werkt niet voor wit, omdat zwart na het slaan op dam komt: 27-21 (16×27), 32×12 (23×41), 12×14 (41-46). Ik geef twee andere mogelijke reacties van wit:

A) 36-31 (17-22), 28×17 (11×22), 48-42 (16-21), 27×16 (22-28), 33×22 (18×36) en zwart breekt door naar dam.

B) 48-42 (4-9) en nu is 40-34 verhinderd wegens (17-22), (11×31), (16-21), (26-31) en (24-30).

In allerlei andere varianten loopt wit steeds vast.

Vanuit de diagramstand was het spelverloop: (4-10), 48-43? (10-14), 43-39 en nu komt de zogeheten Coup Royal : (24-29), 33×24 (19×30), 28×17 (11×44), 40×49 (30-34). De stand is helemaal uit. In de partij speelde wit 49-43 en verloor snel na (18-23), 35-30? (6-11) enz.

Hein van Winkel bracht met een rustige remise de tussenstand op 5-5, waarna teamleider Harry Dekker LDG voor het eerst in de wedstrijd op voorsprong zette. Zijn tegenstander ging pas op de 52e zet in de fout.

Tiental_Zaanstreek_2_5

Harry Dekker – Johan Deubel

Als zwart hier (11-17×7) speelt, is alle muziek uit de stelling. Omdat 28-22 niet gaat wegens (7-12) kan zwart ook nog eens (21-27×17) ruilen, waarna echt een platte remisestand overblijft. Gelukkig voor ons speelde zwart echter (13-19?) en ineens is alles anders. 33-29! [Dreigt 29-24] (30-35), 29-23 (19-24), 23-18 (24-29), waarna wit schijf 18 naar 4 speelde en dank zij zwak verweer van zwart gemakkelijk won.

Ik mocht zelf LDG op een voorsprong van vier punten zetten. Een aardige partij, maar toch de ergernis achteraf dat ik belangrijke kansen heb laten liggen. Twee voorbeelden:

Tiental_Zaanstreek_2_6

André van der Kwartel – Mohammed Aliem Wagid Hosain

Stand na de 23e zet van zwart.

Zwart had twee zetten eerder onnodig een schijf geofferd, ongetwijfeld in de verwachting die wel weer terug te zullen winnen. In de partij heb ik enige tijd zitten kijken naar 40-34!?! Zwart heeft dan alleen nog maar (3-9), maar ik zag niet hoe ik daarna (9-14) zou kunnen verhinderen. Dom, dom, dom. Na (3-9) speelt wit: 27-22 (18×27), 31×22 (12-18), 34-29 (23×34), 32-28 (18×27), 28-23 (19×28), 26-21 (30×19), 21×12 (7×18), 39×30 (25×34), 49-44 en wit gaat uiteindelijk nog een tweede schijf winnen.

Maar de fraaie zet 40-34 is helemaal niet nodig. Wit kan ook direct actie ondernemen: 27-22 (18×27), 32×21 (16×27), 31×22. Zowel (12-17) als (12-18) wordt nu weerlegd door combinaties die eindigen met de afwikkeling 35-30 (25×34), 40×9.

Een tweede ergernis achteraf:

Tiental_Zaanstreek_2_7

André van der Kwartel – Mohammed Aliem Wagid Hosain

Stand na de 36e zet van wit.

Na (7-12?) miste ik het eenvoudige 39-34 (30×39), 43×34 (19×39), 35-30 (25×34), 40×7.

Maurits Meijer speelde een gelijkwaardige remise, waarmee de stand kwam op 10-6 in het voordeel van LDG. Helaas gingen beide overgebleven partijen verloren.

Als eerste moest Joop Burgerhout na een boeiende en complexe partij opgeven. In de loop van de partij kwam Joop zo ongeveer verloren te staan, waarna hij op een gegeven moment bijna gewonnen kwam te staan en uiteindelijk toch verloor. Drie fragmenten uit deze partij.

Het eerste betreft de mogelijkheid van een spectaculaire afwikkeling.

Joop Burgerhout – Sijmen Hansen

Tiental_Zaanstreek_2_8

Stand na de 25e zet van zwart.

38-33 is hier een goede zet, maar wit speelde 40-35!? Hij had geluk dat zwart de volgende afwikkeling miste: (28-33), 39×19 (8-13), 19×8 (17-21), 26×28 (9-14), 31×13 (14-19), 8×17 (11×31), 36×27 (19×50). Een zeer kansrijke damcombinatie.

Dertien zetten later miste zwart weer een gemakkelijk aantoonbare winst:

Tiental_Zaanstreek_2_9

Joop Burgerhout – Sijmen Hansen

Stand na de 38e zet van wit.

Zwart was zo vriendelijk om (8-13??) te spelen, waarna wit liet volgen: 33-28 (22×24), 23-19 (14×23), 31-27 (21×32), 37×17 en voor het eerst in de partij is het voordeel aan wit.

Maar zwart had in de diagramstand ook kunnen kiezen voor (15-20). De dreiging is (20-24), 29×20 (18×38), 43×32 (21-27), 32×21 (16×27) met het onvermijdelijke gevolg (32-37). Wit kan deze dreiging niet weerleggen. Twee voorbeelden:

A) 34-30 (14-19), 23×14 (18-23), 29×7 (8-12), 7×27 (21×32), 37×28 (26×46).

B) 43-38 (9-13) en de schijf op 23 gaat verloren,

Het spelverloop vanuit het vorige diagram had het omslagpunt in de partij moeten zijn, maar elf zetten later gaf wit zijn voordeel weer uit handen.

Tiental_Zaanstreek_2_10

Joop Burgerhout – Sijmen Hansen

Stand na de 48e zet van zwart.

Wit speelde hier het onlogisch ogende 38-32? (9-13), 31-27? En nu komt wit zelfs in het nadeel. Na 35-30 was de stand nog gelijk geweest. Nu volgde (13-18) en kwam wit in onoverkomelijke moeilijkheden.

In de diagramstand had wit met 24-19 de betere stand kunnen houden, overigens zonder dat er sprake zou zijn van reële winstkansen.

Ten slotte was er de partij van Peter van den Berg. Ook uit deze partij twee fragmenten om te laten zien hoe dicht winst en verlies in een partij – en zeker in een teamwedstrijd – bij elkaar kunnen liggen.

Tiental_Zaanstreek_2_11

Peter van der Merwe – Peter van den Berg

Stand na de 28e zet van wit.

Zwart speelde (8-12?) waarop wit zich uit de problemen werkte met 33-29 (24×22), 25-20 (14×34), 40×16. Dat was jammer, want in de diagramstand had zwart schijfwinst kunnen afdwingen met (13-18!). De witte lange vleugel is lamgelegd en op zijn andere vleugel heeft hij te weinig mogelijkheden om zich los te werken. Een voorbeeld: 40-34 (8-13), 34-29 (23×34), 30×39 (18-23), 45-40 (3-8) en nu volgt op:

A) 28-22 (23-28), 32×23 (19×17) +1

b) 41-36 (21-27), 32×21 (23×41), 36×47 (26×17) +1

C) 40-34 (23-29), 34×23 (26-31), 37×17 (11×22), 28×17 (19×46)

D) 39-34 (26-31), 37×17 (11×22), 28×17 (24-30), 35×24 (19×46)

Achteraf blijkt dat Peter zelfs in de laatste fase van zijn partij nog remise in handen had.

Tiental_Zaanstreek_2_12

Peter van der Merwe – Peter van den Berg

Stand na de 52e zet van zwart.

Peter ontdekte hier tot zijn schrik dat hij na het voorgenomen (14-20), 30-25 geen goed tempo zou hebben. Misschien in paniek (en tijdgebrek?) speelde hij daarom (24-29), 33×13 (18×9), maar verloor daarna kansloos.

De diagramstand is echter nog steeds remise na het verrassende (23-28). De reactie 34-29 is onvoldoende voor wit: (28×39), 29×9 (19-24!), 30×19 (18-23), 19×28 (22×42) met remise. Het enige alternatief voor wit is 31-26 (28×39), 34×43 en dit moet zwart remise kunnen houden.

Eerste nederlaag van LDG 2

Eric van ‘t Hof

Na onze overwinningen tegen DEZ Reeuwijk en DOS Delft 2, en ons gelijkspel tegen Scheveningen 2, kon het natuurlijk niet zo goed blijven gaan met LDG 2. Afgelopen donderdag ontvingen wij thuis RDC Rijnsburg 2, het sterkste team uit de 3e klasse.

De wedstrijd eindigde uiteindelijk in het kleinst mogelijke verlies van 3 tegen 5. Een terechte uitslag, gezien het krachtsverschil op papier. Maar we hebben in de wedstrijd zeker kansen gehad op een betere uitslag.

Vooraf wisten we natuurlijk dat RDC 2 een sterk team was en vooral hun eerste bordspeler werd gevreesd. Wie van ons zou het opnemen tegen de Rijnsburger Rinus Kromhout (1053)? In het voorbereidende teamoverleg kwamen tot onze bordopstelling en hiervan is een korte videoverslag gemaakt (https://youtu.be/AoHjN41JWEY).

Ondergetekende had dus de eer gekregen om op bord 1 aan te treden tegen de heer Kromhout. We waren bijzonder snel klaar, nadat ik als een kleuter in een simpele Haarlemmerzet was gelopen.

6TalD1

Wat mij bezielde, weet ik nog steeds niet, maar hier speelde ik dus 7. 47-42?? waarna ik direct kon opgeven. Achteraf was ik, gek genoeg, niet ontevreden met dit snelle verlies. De heer Kromhout was namelijk zo vriendelijk om mij daarna twee uur lang uitgebreid les te geven! Op die manier had ik toch een zeer plezierige avond.

Aan de overige drie borden werd echter fel gestreden. Op bord 4 was onze man Quirinius de eerste die 1 punt op het Leidse gedeelte van het scorebord noteerde. Wij hadden lange tijd gehoopt op 2 punten en een computeranalyse achteraf bevestigde naderhand dat deze verwachting volkomen terecht was. Met een petit combination veroverde Q al op zet 25 een schijf. Daarna bouwde hij zijn voordeel langzamerhand ook in positionele zin uit.

Uit de schaaksport kennen we het gezegde dat de goden ná het middenspel het eindspel hebben geschapen. Wellicht ging deze gedachte ook door Gert van Delft heen. In elk geval slaagde hij erin door taai verzet een remise op het droge te slepen. Ik neem het moment waarop Q de winst waarschijnlijk definitief uit zijn vingers liet glijden.

6TalD2

Het materiaal is al aardig uitgedund, maar het programma Scan 3.1, gratis beschikbaar op de onvolprezen website lidraughts.org, geeft aan dat zwart hier gewonnen staat. Hij moet dan spelen 49. …21-26 50. 31-27 19-24 en het is voor wit lastig een verdediging te vinden, volgens de damengine. Q ruilde hier echter nog een schijf met 49. … 23-29, welke zet door Scan van een vraagteken wordt voorzien. Tijdnood speelde hier ook een grote rol, waardoor de winstkansen steeds kleiner werden en uiteindelijk geheel verdampten.

Hierna werd ook op het derde bord besloten tot een puntendeling, maar daarmee mochten wij niet ontevreden zijn. Wim had inventief gespeeld, maar zijn tegenstander Jac van Delft is geen moment in gevaar geweest. Toen beide spelers een dam hadden gehaald, deden zich enkele interessante momenten voor.

6TalD3

In bovenstaande stelling had de Rijnsburger zojuist de twee schijven op 33 en 24 aangevallen. Wim, ook al in tijdnood, besloot tot 55. 33-29 waarop zwart hem met 55. …47-41! gewoon twee stukken afhandig had kunnen maken. Of dat voldoende was geweest voor een zwarte winst, weet ik niet. In de diagramstelling kan wit echter het slimme 55. 32-28! spelen, waarna volgt 55. … 47×20 56. 28×17 en zwart kan alleen met de offerande van twee schijven voorkomen dat wit een tweede dam behaalt en daarmee ook de veilige remisehaven. In de partij werd gelukkig na nog enkele wederzijdse onnauwkeurigheden hetzelfde resultaat bereikt.

Met een aldus bereikte 2-4 achterstand op het scorebord rustte er een loodzware taak op de schouders van Daan om voor ons team één matchpunt te behalen. Hij kwam daarmee zeer ver, maar helaas net niet ver genoeg.

6TalD4Correctie

In deze stelling verzuimde Daan het toch voor de hand liggende 59. 36-41 gevolgd door 60. 41-47 te spelen. Ik zal niet in detail treden, maar het lijkt erop dat zwart dan goede winstkansen verkrijgt. In elk geval wordt wit gedwongen om zeer nauwkeurig te spelen. Vanuit de diagramstelling volgde minder goed 59. 26-31 24-19 60. 31-37? waarmee juist één schijf te veel wordt afgeruild en wit remise kan forceren. Met 60. 36-41 had zwart het zijn tegenstander nog wat moeilijker kunnen maken.

Met deze derde remise bereikten we de slotstand van 3-5 tegen de Rijnsburgers. Een interessante en ook spannende wedstrijd, waar wij als oud-schakers ook weer het nodige van hebben geleerd. In dit verband wil ik hier van de gelegenheid gebruik maken om enkele verschillen tussen wedstrijdregels van het schaken en dammen naar voren te brengen, om daarmee tegelijkertijd ook enkele misverstanden te verklaren, die zich in de praktijk bij ons hebben voorgedaan.

Notatieplicht Bij het schaken is het verplicht om ná het uitvoeren van een zet deze direct te noteren. Eerst noteren en daarna zetten is bij het schaken verboden; dit geldt als hinderen van de tegenstander. Bij het dammen zijn er geen speciale regels voor het noteren, als ik het goed heb begrepen.

Overleg met de teamleider Bij het schaken is het als speler toegestaan om met de teamleider te overleggen over een remise, zowel bij het accepteren van een remisevoorstel als bij het aanbieden van een remise. Bij het dammen is dergelijk overleg verboden.

Telefoon De regels rond mobiele telefoons zijn bij het schaken zeer streng. Geconstateerde aanwezigheid van een mobiele telefoon in een broekzak leidt direct tot een reglementair verlies. Ook het produceren van een geluidssignaal door een telefoon levert direct een nul op voor de eigenaar. Bij het dammen wordt hier veel coulanter mee omgegaan, is mijn indruk. Persoonlijk vind ik dat ook beter dan hoe het bij schaken is geregeld.

Conflict Doet zich tijdens de partij op het bord een of ander conflict voor, dan is het schaken noodzakelijk om eerst de klok stil te zetten en er dan een arbiter bij te halen. Bij het dammen is het stilzetten van de klok juist niet toegestaan en moet direct de arbiter worden geraadpleegd.

Onreglementaire zet Bij het schaken moet een onreglementaire zet altijd worden teruggenomen. Bij het dammen heeft de tegenstander de keuze om de onreglementaire zet te laten terugnemen of te accepteren.

Het is niet mijn bedoeling om deze regels hier ter discussie te stellen. Wel kunnen deze verschillen misschien een beetje verklaren waarom wij als oud-schakers af en toe wat merkwaardig kunnen reageren wanneer dit soort zaken zich voordoen tijdens een wedstrijd!

Zestal wint van Den Haag

André van der Kwartel

In de vierde ronde van de competitie heeft het zestal van LDG met 5-7 enigszins fortuinlijk gewonnen van de damclub Den Haag. Drie remises en drie beslissingen, waarvan twee in het voordeel van de Leidenaren. Maar één van de twee winstpartijen had evengoed verloren kunnen gaan.

Van de twee remisepartijen van respectievelijk Evert Bronstring en Koos van Amerongen kan ik oprecht vermelden dat er weinig tot niets in te beleven viel. Voor de remisepartij van Casper Remeijer geldt dat niet. De computer signaleert in zijn partij geen bijzonderheden, maar dat betekent uitsluitend dat er geen abrupte grote verschillen zijn gemeten in de waardering van de stand in de partij. Het betekent niet dat er sprake zou zijn geweest van een saaie partij. Casper toont dat zelf aan in zijn uitgebreide commentaar op de partij dat kan worden nagelezen op Toernooibase.

De eerste overwinning werd behaald door Steven den Hollander. Hij kwam langzamerhand steeds beter te staan, maar op de 42e zet maakte zijn tegenstander een opvallende fout.

Zestal_DenHaag_1

Steven den Hollander – Frans van Eenennaam

Zwart staat al slecht maar kan zich met (2-7) en (11-17) nog enigszins verdedigen. Hij speelde echter (14-19?), 28-22! (26-31?), Zou zwart gedacht hebben dat hij naar 44 kon slaan? 22×24 (31×33), 29×38 en zwart stond een schijf achter.

De tweede winstpartij kwam op naam van Joop Burgerhout. Daarbij had hij het geluk dat zijn tegenstander op de 25e zet niet de scherpste voortzetting koos.

Zestal_DenHaag_2

Bas Baksoellah – Joop Burgerhout

Stand na de 23e zet van wit.

(13-19!?). [Niet de sterkste zet. Degelijker is (23-28).] 24×13 (8×19?), [Dit had een schijf moeten verliezen, maar (18×9) had zwart ook nadeel opgeleverd.] 47-41?? Wit mist hier de mogelijkheid om een schijf te winnen met 38-33! Er dreigt 34-29 en 33-28 en op (23-28) volgt 26-21 en 31-27.

In het vervolg van de partij miste wit nog de kans op redelijk voordeel te krijgen, maar langzamerhand kwam de zwartspeler steeds beter te staan, uiteindelijk resulterend in de onderstaande gewonnen stand. Maar toen had het nog steeds mis kunnen gaan.

Zestal_DenHaag_3

Bas Baksoellah – Joop Burgerhout

Stand na de 50e zet van wit.

Zwart speelde hier foutief (23-29), 1×20 (25×14), 34×23 (46×19), 16-11A (19-23), 11-6 (23-1), 45-40 (1×45), 6-1 (14-19), 35-30 (33-39) en wit gaf op. Fraai gespeeld, maar bij A zat er een lek in de variant. Als wit eerst met 35-30 een schijf offert, is het remise.

Dit foutje is des te erger, omdat zwart in de diagramstand wel degelijk een directe winst voor het grijpen heeft: (33-39!!), 1×20 (25×14), 34×43 (46-28) en de rest is een kwestie van techniek.

Hans Kreder was verantwoordelijk voor de enige verliespartij van LDG. Hij was door een eenvoudig zetje een schijf achter gekomen, wist daarvoor compensatie te creëren, maar raakte die even snel weer kwijt. Toch deed zich in het eindspel nog een opgelegde kans voor om remise te forceren.

Zestal_DenHaag_4

Hans Kreder – Harry Zandvliet

Stand na de 56e zet van zwart.

Hans grijpt zijn laatste kans: 40-34 (29×40), 18-13 (40-45), 13×2 (45-50), 2×24 (50×11), 24-20 (14-19), 20-47?? Op het moment dat hij de remise in handen heeft, grijpt wit mis. Remise is: 20-15 en zwart doet niets meer tegen het opkomen van schijf 25. Nu volgde nog: (11-2), 47-36 (19-23), 25-20 (2-19) en zwart won.

Toegift

Als toegift nog een fragment uit mijn recente partij uit de onderlinge tegen Jack van der Plas. Ik had ten koste van een schijf een doorbraak naar veld 6 genomen. Jack zette daar een sterk centrum tegenover. Uiteindelijk kon ik dam halen en daarna won ik snel. De computer ontdekte echter op één moment toch een verrassende remise, die ik hierbij als opgave toevoeg: Hoe kan zwart in de diagramstand remise maken?

Zestal_DenHaag_5

André van der Kwartel – Jack van der Plas

Zwart speelt en maakt remise