Archive for 30/11/2022

Bij het afscheid van Harry Dekker als lid van het Leidsch Damgenootschap

(een klein toespraakje door Joop Burgerhout)

Op de laatste donderdag van de novembermaand 2022 werd afscheid genomen van Harry Dekker die vele jaren gedamd heeft in het eerste team van LDG. Hij heeft jarenlang de jeugd getraind, was materialencommissaris en bestuurslid. Hij gaat vanaf december 2022 wonen in Deventer. Harry verloor vaak door tijdsoverschrijding. Joop Burgerhout hield een toespraak.

Beste Harry,

Het is jouw laatste clubavond, en daar moeten we bij stilstaan.

Het bestuur heeft de afgelopen maanden veel onderzoek gedaan naar jouw achtergrond en we zijn verrast geworden.

Na veel speurwerk kwamen we erachter dat je meer dan 70 jaar geleden geboren bent. Dat is een heuglijk feit geweest. Dat kan niet anders.

Over je lagere school …

Je lagere schoolcarrière ging geweldig.

Of het klopt weten we niet, maar we hebben gesproken met je oude schoolhoofd die zo oud was dat hij zijn naam nauwelijks meer wist, maar toen we vroegen: “Zegt Harry Dekker U iets?” klaarde de stokoude man op en een hemelse uitdrukking verlichtte zijn gelaat.

“Harry was een geweldige leerling! Hij was heel goed in vrijwel alles. Aardrijkskunde, geschiedenis, biologie, taal … in alles was hij goed…”

De man kon het zich niet meer helemaal herinneren, maar hij vertelde dat Harry een klas had overgeslagen. De eerste of de tweede klas, tegenwoordig zeggen we Groep 3 en Groep 4. Het waren de klassen waarin met eenvoudige middelen wat beginnende stappen op het gebied van taal en rekenen gezet gaan worden.
En volgens deze oude man zou Harry een klas hebben overgeslagen.

Voor de rest van ons verhaal is dit heel belangrijk. We komen er zo op terug.

Je maakte de school. En je ging naar de HBS.

Delft … en de damclub

Je ging in 1969 in Delft studeren. Je heldere verstand maakte dat je als een speer door de studie ging en in no time was je dan ook ingenieur.

Wat ook belangrijk is om genoemd te worden is de damclub.
Harry had nog nooit van dammen gehoord en zag een dambord, hij doorzag vrijwel direct alle patronen en in het eerste jaar werd Harry dan ook probleemloos met een score van 100 % kampioen van Delft.

Hij zit in het rijtje van illustere Delftse dammers.
Grootmeesters, nationaal en internationaal
Meesters, eveneens nationaal en internationaal
en Harry zit daar ook bij.  In dat rijtje van kampioenen.

Het geheim…?

Wat is het geheim van Harry’s kunsten op het dambord.
We hebben met een uiterste krachtinspanning vijftig partijen van Harry uit zijn eerste damjaar bekeken en geanalyseerd.
Dank, Koos van Amerongen, Andre van der Kwartel en Steven den Hollander!

Wat zo opvallend is aan jouw dampartijen uit die Delftse tijd is de vloeiende stijl in zeer abstracte standen. Dat je die wint is dan ook niet meer dan logisch.
Alle vijftig gewonnen!!

Er gebeuren daarna evenwel vreemde en voor ons onverklaarbare dingen.

Onverklaarbaar …

Harry hield het dammen enige jaren voor gezien en werd lid van een van de Leidse damclubs. Dat is niet zo gek natuurlijk, maar zijn resultaten blijven achter bij het spel. De scherpte wa gebleven, maar na 25 en soms 40 zetten gespeeld te hebben gebeurden er soms vreemde en voor ons onverklaarbare dingen.

We hebben dit willen onderzoeken en toen we er niet uitkwamen hebben we een buitenstaander, een experts welteverstaan, gevraagd om een verklaring te geven voor Harry’s vreemde spel.
Na twee maanden en een nog steeds niet betaalde nota van 2367 euro, excl. BTW, kwam het antwoord: de expert snapte het ook niet.

We zijn eruit!

We zijn eruit!

Het was vreemd genoeg een herinnering die ik had toen ik na vele jaren weer ging dammen. Het was een sneldamavond, nu 4 jaar geleden, en ik hoorde tot drie keer toe iemand afgrijselijke kreten slaken. Stoelen vlogen in de lucht en tot drie keer toe kwam er een daverend GVD uit iemands keel.
Ik zal het maar verklappen: dat was jij, Harry!!
Ik was net weer begonnen met preken en met een christelijk verantwoord leven te leiden en toen kwam ik jou tegen.
Je wordt bedankt, Harry!
Maar goed … deze herinnering maakte alles helder.

Je was kampioen van Delft.
Damclub DOS (Door Opschenken Straalbezopen) speelde sterk, maar het was de oertijd van het dammen. Op tijd spelen en met klokken en zo, dan deed men toen nog niet in Delft. We hebben het over de oerjaren in een vanuit Leiden bezien onderontwikkelde regio, toen Harry nog jong was. Leiden had in 1574 al een universiteit en Delft kwam honderden jaren later met een hogeschooltje. Dammen met een klok, kende men niet. Er werd daar met zandlopers gespeeld.
Harry won, omdat hij niet geplaagd werd door een klok.

Dit is deel een van de verklaring. Want Harry, je bent een snelle, leergierige man en wennen aan een klok en dan spelen is toch niet zo lastig.

En nu komen we bij de ontrafeling:

Je hebt – en ik denk dat je zelf ook niet meer weet – een klas overgeslagen. Dat was klas 1 – tegenwoordig groep 3 – en een van de zaken die je daar leert is klok kijken. En dat, allerbeste Harry, heb je nooit geleerd. Je had namelijk die klas overgeslagen.
Vandaar dan ook dat je alleen maar oog hebt voor het vlaggetje in plaats van oog voor de wijzers. En dan ga je afgrijselijke woorden zeggen.
Jouw spel is nog steeds ontzettend goed, maar zodra je aan het vlaggetje denkt, is de lol ervan af.

Kan dat nog rechtgezet worden?

Het bestuur weet dat jij gaat schaken in Deventer.
Ook daarbij heeft men tegenwoordig een klok in de nabijheid van het onderste deel van het dambord.

Het bestuur geeft jou nu een gratis cursus Klok Kijken.
Digitaal. Jack zullen we vragen die cursus aan jou te zenden.

En je krijgt een damboek.

Tot slot …

Allerbeste Harry, het gaat heel mooi worden in Deventer!
We willen jou bedanken voor al die jaren dat je bij ons was. Je bent een zeer loyale dammer, een goed bestuurder, een goede trainer geweest en altijd en bovenal een geweldig mens.

We zullen je erg missen!
Maar er is een troost: je gaat naar een plek waar het goed is.

Dank, allerbeste Harry!

————

Reactie Harry

Mij is gevraagd de volgende email te plaatsen:

Beste bestuursleden van LDG,

Bij deze zeg ik mijn lidmaatschap van LDG m.i.v. 1 januari 2023 op i.v.m. mijn volgende week geplande verhuizing naar Deventer.

Ik dank jullie hartelijk voor de samenwerking van de afgelopen jaren en voor het organiseren van het sneldamtoernooi ter gelegenheid van mijn vertrek. Joop Burgerhout dank ik nog in het bijzonder voor zijn afscheidswoorden en het boekje dat ik van hem ontving.

Ik wens jullie nog het allerbeste en veel succes met LDG in het lopende en volgende damseizoenen.

Met hartelijke groet,

Harry Dekker.

Scheveningen – LDG 2

Maandag 14 november 2022 verzamelden wij bij de gezellige damclub Scheveningen, alwaar we wederom hartelijk welkom geheten werden door onze tegenstanders van vorige jaren, de dames van Scheveningen, en natuurlijk de voorzitter J. Pronk, die nog wat herstelwerkzaamheden aan zijn “DAMMEN” uithangbord verrichtte. Dat er hier en daar wat kwetsbaarheden in zijn uithangbord bloot ware komen te liggen voorspelde weinig goeds voor zijn strijd op het belangrijkere dambord, maar daarover later meer.

We werden zoals gebruikelijk met onze rug naar de gezelligheid opgesteld. De één heeft daar last van, de ander juist niet, hoe dan ook het werd snel duidelijk dat wij damschakers nog niet goed om kunnen gaan met de vrije en gemoedelijke sfeer van de damwereld. Er werd weer veel gelachen, hard gepraat en te dicht over de schouders meegekeken om echt geconcentreerd de partij in goede banen te leiden. En omdat juist het damspel meedogenloos is, immers één misstap kan einde partij betekenen, blijft het mij verbazen dat een goede denksportsfeer nog steeds veel gevraagd is, zelfs na promotie naar de tweede klasse. Het is geen klacht, meer een constatering, dat zelfs op dit niveau het dammen nog steeds als een gezellig tijdverdrijf gezien wordt. Een reden om elkaar weer te zien en te spreken. En dat is wat waard.

Omdat ik per ongeluk een keer een witvoorkeur aangaf werd ik ditmaal op bord 2 ingedeeld tegen de voorzitter, Johan Pronk. Tja, het went nooit. Het uitspelende team heeft zwart op bord 1. Uitspelende schakers hebben wit op bord 1. Eelco Kuipers nam plaats aan bord 1 en mocht het opnemen tegen het talent van Scheveningen, de jongeheer Orie. Eric speelde op bord 3 tegen Wynton Mejier, die de laatste tijd het ene succes aan het andere rijgt, en Wim nam het aan bord 4 op tegen Jeroen Neve.

Ik besloot een kanon neer te zetten. Ik overwoog nog even om het kanon al af te breken omdat ik van zwart zoveel ruimte in het centrum kreeg (zie diagram), maar ik koos ervoor om nog een schijf van zwart uit het centrum weg te ruilen. Achteraf gaf Scan toch 27 aan. Logisch eigenlijk, maar 34-30 was zeker ook niet slecht.

q1

Zwart had na de ruil 34-40 moeite om zijn structuur weer te herstellen en ik kon al op zet 20 een ernstige fout uitlokken. Hij vulde het gat op 12 terecht en wandelde met 5 richting het centrum. Alles werd door mijn tegenstander a tempo uitgevoerd. Een nietsvermoedende stijl die veel dammers siert, welke ten overvloede de speelsheid van de beoefening van het damspel belicht. Ik kan door mijn onervarenheid werkelijk nog geen enkele zet onmiddellijk vertrouwen, dus ik heb al mijn bedenktijd nodig.

q2

In de stelling na 10-14 zag ik kans mijn tegenstander voor het eerst te bevragen. Ik dreig 2 schijven te slaan. Wellicht dat hier even bij wordt stilgestaan. Maar nee, met meer tijd op zijn klok dan waarmee we begonnen werd in plaats van opvangen met 4-10 om daarna mijn schijf op 19 te belegeren, werd hier vrij snel (14-19) gespeeld. De fout die ik wilde uitlokken. Na 21 (x27) moet zwart met 9 naar het centrum slaan waardoor schijf 20 opeens ernstig op de tocht kwam te staan. Na 30-25 had zwart weliswaar een plakker, maar omdat ik tegenwoordig niet meer angstvallig aan de Olympische formatie blijf hangen, bewees het gat op 40 mij een goede dienst. Na de 2-om-2 kon ik schijf 44 slaan en kwam ik een schijf voor.

q3

Zwart vlocht nog wat rondslagen in de stelling en speelde in het derde diagram nog met de stille hoop via (24-30) 35×13 (8×39) een doorbraakje te krijgen, maar zolang ik daarna met 38-33 de zwarte schijf kan terughalen en ruilen kan het nooit gevaarlijk worden. Sterker nog, in plaats van dat ik daar last van had was het zwart die de beslissende fout had gemaakt. Opeens zit er een dammetje in.

Op ons 4e bord ging het minder soepel. We komen erin na de kinderlijke openingsblunder 46-41. Ik beken direct dat ik hier zelf ook al ettelijke malen in ben getrapt. Ik laat Wim derhalve graag aan het woord.

q4

“De opening begon goed en ik droomde al van een aanstaande centrumaanval maar besloot eerst verder te ontwikkelen met het rampzalige 46-41. Ik had gezien dat ik dit op de vorige zet niet mocht doen vanwege dezelfde combinatie maar was in de veronderstelling dat het hier wel kon omdat ik een combinatie na heb met een dam naar 4. Dit kostte dus een volle schijf en ik kon wel door de grond zakken. Maar goed, normaal kom ik altijd twee schijven achter in deze klasse dus ging ik vol goede moed op zoek naar positionele compensatie. Mijn tegenstander schoof ondertussen alles netjes richting mijn dun geworden lange vleugel voor een doorbraak, ietwat geholpen door een onhandige tempoverliezende ruil van mijn kant. Zelf kwam ik nog wel een redelijk eindje richting mijn eigen felbegeerde dam maar via een geniepige 2-om-2 die ik in tijdnood weer eens gemist had, kwam ik er niet meer door. Laten we het erop houden dat het een leerzame avond was. Ik weet nu immers hoe ik de dames Van der Meijden uit elkaar moet houden door het ezelsbruggetje van mijn grote vriendin Nel Lindhout: Joke heeft de o van oorbellen in haar naam en heeft deze altijd in en Gerda nooit. Iedereen is trouwens van harte uitgenodigd voor het Scheveningse kerstdamtoernooi op 19 december.”

Bij Wim zien we inmiddels de ware damgeest aan het werk. De gezelligheid en sociale randzaken voeren zelfs in zijn analyse de boventoon. Bij Eric is dit nog in ontwikkeling. Sterker nog, we kunnen stellen dat Eric op bord 3 tegen Wynton een zeer degelijke partij speelde waarin hij, wanneer hij ongestoord de actieve ruil naar voren had aangedurfd, een punt zou kunnen hebben veiligstellen en we deze avond met 4-4 in ieder geval een matchpuntje gesprokkeld zouden hebben. Echter zoals door Eric zelf het beste verwoord, hij heeft verloren van de gezelligheid. Niets ten nadele van zijn tegenstander die gewoon goed en geconcentreerd zijn kansen pakte en de winst niet meer liet ontglippen.

Over de partij van Eelco kunnen we kort zijn. Vanaf de zijlijn leek het dat het bord 50 zetten lang in brand stond. Kansen genoeg voor Eelco om mis te grijpen maar telkens wisten hij en Devanand de stelling overeind te houden. Toen ze beiden een dam hadden gehaald werd de vrede getekend.

Helaas moesten we de matchpunten voor het eerst in onze geschiedenis in Scheveningen achterlaten. We kijken reikhalzend uit naar de return in Leiden. Thuisvoordeel, waar we onze aandacht ongestoord op dit prachtige spel kunnen richten.

q5

LDG 2 – KDC Katwijk 1 5-3!

Eric van ‘t Hof

Donderdagavond 3 november 2022 stond de wedstrijd LDG 2 tegen Katwijk 1 op het programma van de tweede klasse van provinciale dambond ZHDB. Helaas moest onze kapitein verstek laten gaan wegens verplichtingen elders, maar gelukkig werd Peter wederom bereid gevonden deze leemte op te vullen. Achteraf bezien was deze vervanging van beslissende betekenis voor de einduitslag.

Gewoontegetrouw nam Q de zwaarste last op zijn schouders door op het hoogste bord plaats te nemen. Hier trof hij de ons niet onbekende Jack van der Plas, voorzitter en sterkste speler van het oude vissersdorp. Q speelde een flankopening die door Jack werd omgezet naar een hekstelling.

Wit stond de hele partij wat meer op het centrum en daarom wat prettiger. Maar het lukte Jack om wat mist te creëren en tegelijkertijd een eenvoudige truc in de positie te breien. Zie het volgende diagram.

kdc1

Zwart speelde hier de met pijl aangegeven zet 08-12, waarna de dreigende 3 om 3 doorbraak helaas door Q niet werd gesignaleerd. Hiermee kwamen de Leidse reserver op een 2-0 achterstand.

Op het derde bord hanteerde Wim de witte stukken tegen Gé Berbee, een op papier sterkere tegenstander. Wim nam het initiatief, maar wist de vlotspelende Katwijker niet in gevaar te brengen. Integendeel, Wim bracht zichzelf in gevaar. Zie diagram.

kdc2

Wit heeft een paar gaten in de stelling waarvan zwart kan profiteren met 26-31!

Er kunnen hieruit fantastische verwikkelingen ontstaan, die echter niet eenvoudig zijn uit te rekenen achter het bord. Gé besloot snel om daar vanaf te zien. Hij speelde een neutrale zet, waarna Wim de gaten kon dichten. Tot het einde van de partij bleef de Leidenaar vervolgens het betere spel behouden, maar de Katwijker hanteerde bijtijds de handrem om zichzelf naar de remisehaven te loodsen. Dit bracht de wedstrijd op de tussenstand van 1-3 met nog twee partijen volop bezig.

De partij op het tweede bord was vooraf moeilijk in te schatten. Peter was daar gestationeerd om zich met de zwarte schijven te verweren tegen Jack of Gé, dachten wij vooraf, maar dat werd dus Leen van Beelen. Deze veertiger was in zijn jonge jaren een talentvolle jeugdspeler geweest, maar daarna een jaar of twintig geheel gestopt met dammen. Vorig jaar weer begonnen, maar nog zonder rating. Een degelijke speler die de klassieke partij niet schuwt, en dat was ook precies wat er op het bord verscheen. Helaas is het zettenverloop van deze confrontatie nog niet in toernooibase geregistreerd. Achteraf verklaarde Leen dat Peter hem langzaam maar zeker had weggespeeld. De stand was hiermee weer tot een 3-3 gelijkgetrokken.

Het vierde bord bracht de beslissing, waar Eric tegen John Bruin een partij waarin geen combinaties voorkwamen tot winst voerde.

kdc3

Stelling na wits 39ste zet. De schijvenverdeling van wit is hier zo ongelukkig dat er geen redding meer mogelijk is. Zwart speelde het aangegeven 14-19 waarne de beslissende doorbraak met 27-31 niet meer te verhinderen is.

Hiermee werd deze spannende wedstrijd uiteindelijk afgesloten met een 5-3 overwinning voor LDG 2. We kunnen er op rekenen dat Katwijk revanche zal willen nemen in de tweede ontmoeting die op Valentijnsdag in het Katwijks “Zandgat” zal plaatsvinden.

De Leidse schaakdammers hebben het in de tweede klasse van de ZHDB logischerwijs zwaarder dan vorig jaar in de derde klasse. De snoeiharde oorwassing in Delft zijn we nog niet helemaal te boven. Maar na deze opsteker tegen Katwijk strijden wij moedig voorwaarts.

Competitie 2022-2023 – Derde ronde

André van der Kwartel

Vooraf

Het is mij niet gelukt deze bijdrage aan de website aan te leveren vóór het begin van de vierde ronde. Mijn aandacht en energie werd volledig in beslag genomen door het overlijden van mijn oudste broer op 22 oktober. Ik wil hier kort bij stilstaan, want Sam was niet alleen mijn oudste broer, maar ook meer dan dertig jaar lid van het Leids Damgenootschap en daarvan zo’n twintig jaar penningmeester. Zijn betrokkenheid bij de damsport strekte zich uit over meer dan zestig jaar. In de eerste helft van de jaren vijftig speelde hij bij de Leidse Rooms Katholieke damvereniging ‘Tempo’. In die tijd (op 10 juni 1955) deed hij mee aan de beroemde blindsimultaan van Wim Huisman, waarin deze een nieuw record vestigde door het voor het eerst tegen acht tegenstanders op te nemen. Sam speelde remise. In 1956 werd de damvereniging Tempo opgeheven, maar dat weerhield Sam er niet van om in 1962 deel te nemen aan een simultaanwedstrijd van Baba Sy in Leiden. Ook in die simultaan speelde Sam remise. In 1975 werd Sam lid van het Leids Damgenootschap. Vanwege gezondheidsproblemen stopte hij rond 2010 met de actieve damsport voor het Leids Damgenootschap. Sam is 89 jaar geworden.

Overzicht derde ronde

De derde competitieronde is enigszins teleurstellend verlopen. Het achttal en het zestal speelden gelijk tegen teams waartegen van tevoren zeker kansen werden verwacht. Het achttal mocht met remise nog van geluk spreken, het zestal kwam niet verder dan een terechte remise. Het viertal liep in Delft tegen de grootste nederlaag in zijn bestaan aan: 7-1.

Achttal

Het achttal speelde teleurstellend gelijk tegen Zenderstad, naar rating de zwakste ploeg in deze competitie. Het werd een van de meest bizarre wedstrijden die ik ooit heb meegemaakt. Het achttal mocht blij zijn dat ze überhaupt nog een punt over hielden aan deze wedstrijd, maar evengoed hadden het er twee kunnen zijn. Enkele gebeurtenissen:

· De eerstebordspeler van Zenderstad zag dat zijn tegenstander (Hans Tangelder) een damzet kon nemen en gaf direct op zonder de tegenzet van zijn tegenstander af te wachten. De damzet bleek niet winnend.

· Ik kon zelf na een moeizame partij remise maken. Ik haalde een dam en bood remise aan. Mijn tegenstander zag dezelfde remisevariant als ik en accepteerde. Peter van den Berg merkte op dat mijn laatste zet fout was en dat mijn tegenstander eenvoudig had kunnen winnen.

· Harry Dekker zag twee duidelijke wegen naar remise. Hij koos er één van. Twijfelde vervolgens na iedere zet en verloor door tijdsoverschrijding. En dat bij een stand 8-6 in het voordeel van LDG.

Dat alles in één wedstrijd van acht partijen. Maar het deed gelukkig niets af aan de prettige sfeer waarin deze wedstrijd werd verspeeld.

Hans Kreder opende met een soepele overwinning de score. Ter lering hieronder het moment waarop hij voordeel kreeg dat hij in de loop van de partij uitbouwde tot winst.

31

Piet Schep – Hans Kreder

Stand na de 21e zet van wit.

(14-20), 25×14 (9×20), 37-31? (26×37), 42×31 (20-25!). Wit kiest ervoor zijn korte vleugel te laten opsluiten. Hij had er verstandiger aan gedaan om eerst 30-25 te spelen. Zijn volgende zet maakt het nog erger: 47-42? (21-26!). Wit zit in zetdwang. Het beste lijkt nog de grote ruil met 27-22 enz., maar wit speelde 42-37 en kwam alle problemen niet meer te boven.

Hans Tangelder bracht de stand op 4-0. Of liever gezegd: kreeg de 4-0 in de schoot geworpen.

32

Hans Tangelder – Bert Habets

Stand na de 33e zet van wit.

Zwart speelde (22-27), zag de damzet en gaf op. Een belangrijke les: ook bij een (vermeende) blunder is het verstandig om even af te kijken hoe het verder gaat. Ten eerste kan ook de tegenstander de blunder missen. Er zijn talloze voorbeelden van “wederzijdse damblindheid”. Ten tweede moet altijd nog even gekeken worden naar de situatie ná de eventuele afwikkeling. En dat speelt hier. De damzet gaat als volgt: 25-20 (14×25), 24-19 (13×24), 37-31 (26×37), 42×4. Maar nu kan volgen: (3-9), 4×2 (21-27), 2×30 (25×32) en de partij zal remise lopen. Hans gaf aan, dat hij de damzet waarschijnlijk niet genomen zou hebben.

Dit cadeautje werd helaas teniet gedaan door het verlies van Jack van der Plas. In een stand waarvan hij dacht dat hij goed stond, werd hij verrast door een agressieve actie van zijn tegenstander.

33

Karl van der Horst – Jack van der Plas

Stand na de 24e zet van wit.

De actie (15-20-24) ziet er gezond uit, maar het spelverloop was: (15-20), 34-29! (23×34), 39×30 en plotseling dreigt er grote druk op de zwarte lange vleugel. In de partij zou die druk inderdaad ook doorslaan. De vraag is dus: Hoe moet zwart zich verdedigen?

Jack koos voor (17-21, maar de sterkste verdediging is: (17-22×22). Zwart dreigt nu met (20-24), dus wit moet wat doen.

33-29 blijkt verrassend weerlegd door: (19-24), 30×10 (9-14), 10×19 (13×33), 38×29 (8-12), 25×14 (3-9), 14×3 (12-17), 3×21 (16×47). Wit maakt nu overigens verrassend remise door: 31-27 (22×42), 48×37 (47×24), 43-38 (24×31), 36×27.

Blijft over 33-28 (22×33), 38×29, maar nu speelt zwart (13-18) en dreigt nu met (18-23) en (20-24) een schijf te winnen. Wit moet dus wel terug met 30-24, waarna zwart uit de problemen is.

Invaller Dick den Ouden speelde een remise waarover geen bijzonderheden zijn te melden.

Ook Peter van den Berg speelde remise, maar hij miste wel een kans op groot voordeel.

34

Gerard Bakker – Peter van den Berg

Stand na de 32e zet van zwart.

Als wit hier 34-29 had gespeeld, had deze partij dezelfde diagnose gekregen als de vorige. Maar wit speelde 33-29? Zwart antwoordde met (23-28) en miste daarmee de kans op groot voordeel: (6-11!). Vanwege de vele mogelijke varianten is het wat lastig om dat direct hard te maken, maar het is duidelijk dat zwart grote druk op de witte lange vleugel gaat uitoefenen en waarschijnlijk een schijf gaat winnen.

Joop Burgerhout speelde remise en daar kwam hij goed mee weg

35

Ed Kok – Joop Burgerhout

Stand na de 37e zet van wit.

Zwart doet er het beste aan om de schijven op zijn lange vleugel te ontwikkelen met (10-14-19). Maar hij speelde (3-9?), 32-28 (9-14), 28-22? Wit heeft de zwarte verdediging overzien: (14-19), 22-18 (13×22!), 24×13 (25-30), 34×14 (10×8) en na deze twee-om-twee liep de partij remise.

In plaats van 28-22 had 40-35!! wit de overwinning bezorgd. Belangrijk is de fraaie combinatie (14-19?), 36-31 (26×46), 35-30 (46×23), 29×9 (20×40), 9-3 (25×43), 3×2.

Na een groot deel van de partij verloren te hebben gestaan, kwamen mijn tegenstander en ik remise overeen in een stand waarin mijn tegenstander eenvoudig had kunnen winnen. De uitdrukking “het was een partij uit één stuk” krijgt ineens een heel andere betekenis. Ter illustratie één van de momenten waarop ik aantoonbaar verloren sta.

36

André van der Kwartel – Arie Koster

Stand na de 48e zet van wit.

Zwart speelde hier (11-17??), maar (21-27!) gaat gemakkelijk winnen. 28-22 verliest na (22-27) een schijf en op 41-36 volgt (8-12). Wit heeft nu niets anders dan 34-29 (18-22), 28×30 (25×43) met winst voor zwart.

Uit piëteit met zowel mijzelf als mijn tegenstander zal ik de slotstand hier niet publiceren.

Bij de stand 8-6 in ons voordeel had Harry Dekker een eindspel op het bord dat gemakkelijk remise was te houden, maar Harry had ook nog maar één minuut per zet bedenktijd.

Zie hieronder de dramatische afloop van de partij.

37

Harry Dekker – Hans Verhoeven

Stand na de 60e zet van zwart.

Hans Kreder merkte terecht op dat wit hier direct remise kan forceren met 4-13! Dreigt met 24-20 en na het offer (15-20) zal geen zwartspeler nog verder op winst spelen. Harry verklaarde achteraf dat hij dat wel had gezien, maar hij had ook nog een andere mogelijkheid gezien: 41-37 (39-43), met als gewenst vervolg: 37-32 (27×38), 4×36 [Dreigt 36-47] (43-48), 47-36 met remise. Aardig gezien, maar helaas: na (39-43) overschreed Harry de beschikbare bedenktijd.

Het blijft toch een raar fenomeen: de druk die de klok soms uitoefent op het denken. Zelf heb ik er nog wel eens last van dat ik het gevoel krijg in tijdnood te zitten, wanneer voor de laatste twintig minuten bedenktijd ineens de seconden zichtbaar worden. Iemand als Evert Dollekamp lijkt daar in het geheel geen last van te hebben. Hij is van mening dat er in het Fischer-systeem helemaal geen sprake meer is van tijdnood. En bij Harry lijkt zich regelmatig nog een derde houding voor te doen: hij verliest zich soms in de mogelijke varianten en vergeet de klok. Hoe tegenstrijdig het ook klinkt: eigenlijk zit hij dan niet meer in tijdnood. Maar de klok is onverbiddelijk en dat is toch zuur voor hem.

Ik denk dat iedereen wat tweeslachtig tegenover de uitslag stond. Technisch gezien had LDG ruim moeten verliezen, maar zoals het spelverloop was, had LDG met 9-7 kunnen winnen. Met de uitslag 8-8 kon iedereen wel vrede hebben. De sfeer tussen beide teams was dan ook prima.

Zestal

Datzelfde gold voor de wedstrijd tussen ADC uit Alphen aan de Rijn en LDG in de derde ronde van de provinciale hoofdklasse. Ook die wedstrijd eindigde overigens in een gelijkspel.

De eerste uitslag kwam op naam van Hans Tangelder. Hij verloor en ik laat hieronder de fase zien, waarin de basis voor dat verlies werd gelegd.

38

Micha van Tol – Hans Tangelder

Stand na de 33e zet van wit.

Zwart speelde (21-26) en werd ongetwijfeld verrast door: 34-30! (26×37), 30×19 (14×23), 28×19 (37×28), 33×13 (10-14) [Zwart heeft niet veel beter.] 19×10 (15×4), 13-9! (4×13), 35-30. Het bis duidelijk wat wit heeft beoogd met deze actie. De zwarte lange vleugel is uitgedund en wit dreigt op termijn door te breken. Maar volgens Kingsrow heeft zwart hier na (20-24×24) nog steeds remise in handen. Ik geef toe dat dat lastig te berekenen is en zwart reageert dan ook niet correct: (13-19?), 30-25 (20-24) en de weg is open voor wit om door te breken. In feite staat zwart hier al verloren. Wit won dan ook verdiend al bood hij in het afspel zwart nog één kans om remise te maken. Helaas voor LDG miste Hans deze mogelijkheid.

Wouter Morssink en Koos van Amerongen speelden een fraaie, complexe partij waarin ondanks de moeilijkheidsgraad volgens Kingsrow de remisemarges nooit werden overschreden.

Hans Kreder bracht met een regelmatige overwinning de partijen op gelijke hoogte. Klein voordeel werd langzaam groot voordeel en groot voordeel werd winst.

Het verlies van Rudi van Velzen vond zijn basis in een slordige rekenfout vroeg in de wedstrijd.

39

Rudi van Velzen – Kenny Kroon

Stand na de 12e zet van wit.

(14-19), 40-35 (19×30), 35×24?? [Wit had moeten slaan: 28×19 (13×33), 35×24 enz. Nu gaat hij een schijf verliezen.] (11-17), 28×19 (18-22), 27×18 (12×14). Zwart heeft vijf aanvallers voor de schijf op 24 en wit heeft maar vier verdedigers en de noodzakelijke aanvulling van achteruit komt te laat. Wit gaat hoe dan ook op termijn een schijf verliezen.

Ik mocht tegen clubgenoot Hein van Winkel de stand weer gelijk trekken. Het was een wat gelukkige overwinning. Op de 23e zet van zwart deed zich een aardig moment voor.

310

Hein van Winkel – André van der Kwartel

Hoe moet ik hier constructief verder? (14-20) is verhinderd. (17-22) valt bij mij in de categorie houthakken. Mijn oog valt op (15-20). Positioneel een goede zet, maar er zit wel een risico aan vast. Koos van Amerongen vroeg mij achteraf of ik dat gezien had en mijn antwoord was dat ik heel benieuwd was of Hein de afwikkeling aan zou durven. Hein nam deze niet of heeft er helemaal niet naar gekeken. En dat was maar goed ook: (15-20), 27-22 (18×27), 32×12 (23×41), 33-29 (8×17), 30-24 (19×30), 35×4 (41-46), 44-40 [wat anders?] (17-22!), 47-41 (46×34), 40×29 (13-18), 4×13 (18×9) en zwart staat een schijfje voor.

Rond de vijftigste zet kwam ik gewonnen te staan, wat ik twee zetten later weer weg gaf. Maar dank zij een beetje bluf won ik alsnog het eindspel:

311

Hein van Winkel – André van der Kwartel

Stand na de 58e zet van wit.

Ik sloeg hier (49×21). Het lijkt alsof hiermee alle dreigingen worden weerlegd, maar niets is minder waar: 6-1 (21-12), 23-19 en zwart houdt deze schijf niet meer van dam af. In de partij speelde wit 23-19?? En zwart won na (21-3), 19-13 (30-35), 45-40 (34×45), 6-1 (7-11). Hier gat wit op. Er had nog kunnen volgen: 1-34 (45-50), 34-25 en zwart is precies op tijd: (50-22!).

Joop Burgerhout speelde remise in een partij waarin hij vanaf de 17e zet torenhoog gewonnen had gestaan. Het meest spectaculaire moment deed zich voor op de 39e zet.

312

Joop Burgerhout – Martijn van der Klis

Wit speelde hier 47-36? maar had vernietigend kunnen uithalen met: 35-30 (29×40), 39-33 (28×39), 27-22 (18×27), 32×21 (16×27), 30-24 (19×30), 38-32 (27×38), 47×21 over zeven schijven. Ik geef toe dat deze afwikkeling nogal wat vraagt van het voorstellingsvermogen. Zelfs op het moment van slaan moest ik nog even puzzelen hoe wit moest slaan. Overigens kan wit op twee manieren een zevenklapper nemen.

Uiteindelijk liep de partij uit op een vier-om-drie eindspel, waarin Joop tot tweemaal toe de winnende zet miste. Hieronder het laatste moment.

313

Joop Burgerhout – Martijn van der Klis

Stand na de 64e zet van wit.

Met (22-27) zou zwart nog steeds remise in handen hebben, maar hij speelde: (39-44?). Wit reageerde met 29-24?? En gaf daarmee zijn laatste kans op een overwinning uit handen. Wit had moeten spelen: 20-15! Het belangrijkste verschil met de partijvariant is dat wit nu na (22-27) 15-10 kan spelen. In de partij ging het verder met (22-27), 20-15 (44-17) en remise overeengekomen. Als wit zijn dam over de lange lijn verplaatst, speelt zwart (17-8) en moet de witte dam weer terug naar 19, waarna zwart weer (8-17) speelt. Als wit met een schijf een zet speelt, offert zwart met (27-31) en wint na (17-26) een schijf van wit.