De memoires van Joop Burgerhout: De eerste jaren!

Uit de oude doos”

Enige tijd geleden heb ik de leden van het Leids Damgenootschap opgeroepen om bijdragen voor de website aan te leveren. Ik dacht aan fragmenten uit de onderlinge wedstrijden en aan leuke of leerzame fragmenten uit het verleden. Joop Burgerhout heeft zodanig uitgebreid op die laatste suggestie gereageerd, dat het de speelse term “uit de oude doos” verre overstijgt. Daarom heb ik de vrijheid genomen om de titel te veranderen in “De memoires van Joop Burgerhout”. Ik wens jullie veel plezier bij het lezen en kijk uit naar de volgende bijdragen van Joop!

André van der Kwartel

De memoires van Joop Burgerhout:

De eerste jaren!

Mijn oertijd …

Ergens in 1966 ben ik gaan dammen. Mijn ouders verhuurden kamers, en een van de huurders was een ambtenaar, afkomstig uit Suriname. Ik was bruin met Moluks bloed, hij was tegen het zwarte aan en zijn roots lagen in West-Afrika. We speelden dampartijtjes. De televisie stond ongetwijfeld aan in ons huis, want in het protestantse Katwijk was tv nog weinig populair. “Je haalt daarmee de duivel in huis” en we keken dus naar ieder programma. Wat niet mocht, was vaak wel lekker. Had je in de tijd al de Piraten TV? Ik weet het niet, maar daarop waren voor een jongetje in de puberteit aantrekkelijke zaken te zien. De duivel heb ik overigens thuis nooit ontmoet. Maar wel een tegenstander van formaat. Zijn naam was Ulrich Aron. Hij zou furore gaan maken in Suriname, is genoemd als kandidaat minister en zo. Deze informatie haal ik trouwens van internet, want ik heb hem tientallen jaren geleden voor het laatst gezien.

Onze dampartijtjes stonden in het teken van zetjes, kleine combinatietjes die me enorm veel verwondering opleverden. Tussen de partijtjes door keken we televisie. Positiespel speelde geen rol, alles draaide om de zetjes. Zo heb ik het spel geleerd.

Familiedammen …

Als 12-, 13-jarige jongen wilde ik alleen maar spelen. Oom Gijs (Haasnoot), de broer van mijn moeder, zou heel goed kunnen dammen. Dus ging ik naar hem toe met een dambord onder mijn arm en schijven in een zakje. Tante Cock, van oom Felix, was ook een grootheid … haar bezocht ik ook. We hadden discussies over ‘blazen’ (als je vergeet te slaan, dan mag de schijf weggenomen worden) en over de ligging van het bord en de kleur van de te bespelen velden. Moest het donkere veld links- of rechtsonder; moest gespeeld worden op witte of donkere velden?

Het eerste toernooi en knoflook!

Op 14-jarige leeftijd zat ik op ’t Visser ’t Hooftlyceum. Schoolsporten en ik was de vertegenwoordiger van klas 2f bij het dammen. Frans de Jonge zat een klas boven mij, hij was trouwens nagenoeg mijn buurjongen. Hij woonde op Parklaan 102, ik op Parklaan 56. Het was mijn eerste toernooi. Frans deed niet mee, en ik won niet, en dat kwam door de zenuwen.

Ik ben nu al jaren actief in de psychologie, en ik ga pas nu de zenuwen van toen wel een beetje begrijpen. Mijn enorme ambitieniveau stond op gespannen voet met mijn enorme angst om te verliezen. Alles draaide om winnen. Sportief was ik niet. Ik nam knoflook, rookte sigaretten en blies rookwalmen over het bord … Ik heb meer dingen gedaan, maar ach … ik was jong en nog maagd.

Ton Sijbrands en de Rijnsburgse Damclub

In 1969 kwam Ton Sijbrands naar Rijnsburg. Hij speelde daar een simultaanseance, en die was aangekondigd in de Nieuwe Leidsche Courant. Met de fiets ben ik ernaar toegegaan. Wim Leeuwenburg, drievoudig kampioen van Rijnsburg, zat naast me en ik speelde een leuke partij. De volgende dag stond er een stukje in de krant over mij (zie hieronder).

Leeuwenburg had mij dezelfde avond al lid gemaakt van de Rijnsburgsche Damclub!

De partij tegen Ton heb ik niet genoteerd. Ik wist namelijk niets van notatie. Achteraf is dat jammer, want grootmeester Sijbrands won met een combinatie die wonderschoon was. Vanaf die tijd heb ik hem bewonderd. Meer dan welke grootmeester dan ook.

Joop1

Uit het Leidsch Dagblad, 30 juli 1969

Het eerste conflict …

Pas jaren later hoorde ik dat dit stukje in het Leidsch Dagblad aanleiding was voor een scherpe brief. Jan Schoneveld, voorzitter van de Katwijksche Dam Club, was woedend op de Rijnsburgers. “Hoe halen jullie het in je hoofd om een Katwijker te ronselen?” De Rijnsburgers moesten erom lachen. De stamboom werd erbij gehaald, en ziedaar: “Jouw vader, Jacob Burgerhout, is in 1912 geboren, en weet je waar, Joop? In Rijnsburg! En jouw oma, zijn moeder, heette Janna Brussee, en Brussee is een Rijnsburgse naam”.

De Katwijkers lachten niet.

Mijn vader maakte zich alleen maar druk of ik wel genoeg deed aan mijn huiswerk. Dat was niet het geval. Een vervelend gebeurtenis maakte dat ik van de HBS gestuurd werd. In 1970 ging ik werken op de Flora bij Gert van Zuylen. Hij was een van ’s Rijnsburgs beste dammers, bloemenhandelaar en ik ging werken. ’s Avonds damde ik met Frans de Jonge en op de damclub.

Spijt …

Mijn fanatisme was enorm. Ik heb al wat schreven over knoflook, maar er was meer gaande. In mijn eerste jaar won ik de Najaarsbeker, een toernooi uitgeschreven door Wim Leeuwenburg. Ik zal het nu maar eerlijk opbiechten, ter leringhe ende vermaeck van een ieder die aangetast is door het “altijd-maar-willen-winnen-virus”. Ik heb in januari 1970 een uitslag verkeerd doorgegeven. In plaats van remise heb ik gemurmeld dat ik had gewonnen. En toen werd ik de winnaar van de beker.

Met terugwerkende kracht moet de beker naar Jac. van Egmond, maar die is al jaren dood. Ik voel nog steeds de schaamte die ik toen niet had.

Eerste resultaten

In 1970 was er sneldammen, en dat won ik. De jarenlange ervaring met de Surinaamse dammers had me geleerd om op zetjes te spelen. Ik had er aardigheid in om ingewikkelde standen op te bouwen, vooral de Partie Bonnard had mijn voorkeur. Uiteraard vanwege de vele combinaties. Ik was jong en kon heel snel en diep rekenen.

(Dat vermogen is na 50 jaar behoorlijk verdwenen, merk ik. Als jong dammertje was een variant van 15 – 30 zetten diep doorrekenen niet vreemd, maar nu zit ik te zweten op een niveau van minder dan tien zetten en dan klopt er nog geen bal van … Korsakow, Alzheimer ??? )

Techniek

Uit de beginjaren een fragment Joop Burgerhout (wit) tegen Cees Breed (zwart). Het komt uit een partij,die gespeeld werd in het kader van de wedstrijd Noord-Holland versus Zuid-Holland. Ik zat bij de jeugd, en speelde in het provinciale tiental. De datum was 28 augustus 1971 en plaats van handeling IJmuiden. Baris Dukel ontmoette ik daar. Hij was Nederlands kampioen geweest in 1956, en deelnemer aan een WK. Wat een enorm aardige vent was hij! Hij liet me openingsvarianten zien, en wat me bijstaat is dat ware kampioenen geen opscheppers zijn.

Joop2

Joop Burgerhout – Cees Breed

Na het gespeelde 23. (…) 11-17, volgde 28. 40-34 en zwart staat verloren. Er dreigt 34-30 (25×23) 28×10. Om dat te pareren komt maar één zet in aanmerking, namelijk

28 . … 4-10 en toen volgde

29. 34-30 25×34, 30. 28×19 20×29, 31. 42-37 14×23, 32. 38-33 29×49, 33. 46-41 29×27, 34. 31×4!

Nieuwe beker avonturen van LDG: de kunst van het tellen

Dinsdagavond 9 april stonden de bekerwedstrijden van de Zuid-Hollandse Dambond op het programma. LDG, Van Stight Thans, Den Haag 1 en 2, Damlust en de Hofstad Dammers namen aan dit toernooi deel. Van het deelnemend viertal van LDG was Hans Kreder al in Den Haag, maar Hans Tangelder, Koos van Amerongen en Steven den Hollander moesten met een overvolle vertraagde NS trein van Leiden naar Den Haag reizen.

drukteNS

Drie spelers van LDG op weg naar Den Haag. Helaas zijn ze niet zichtbaar vanwege de drukte.

Bij aankomst in de speelzaal waren daarom al enkele minuten van hun bedenktijd verstreken. Hans Tangelder speelde tegen Friso Fennema (Damlust) en kwam snel onder zware druk te staan, maar hield wel een gecompliceerde stelling op het bord. Friso Fennema kon Hans echter niet over de rand van de afgrond duwen, nam in tijdnood uiteindelijk een 4 om 2 naar dam, liet die weer voor 1 schijf afpakken en leed zo een heel verrassende nederlaag.

Vage notatie

Helaas is er geen reconstructie meer mogelijk van de partij van Hans.

Hans Kreder kwam tegen Gerrit van Mastright (Van Stight Thans) gewonnen te staan en wilde het afmaken door een winnende damzet te nemen. Helaas verwisselde hij bij de uitvoering van de damzet twee zetten en liep daardoor tegen een onverdiende nederlaag aan.

Steven den Hollander bleef op remise steken tegen Nizaam Muradin (De Hofstad Dammers).

Koos van Amerongen wist de sterke Berke Yiğittürk (Den Haag 1) te verslaan:

KoosBerke

Koos van Amerongen – Berke Yiğittürk 

Zwart is met solide doch maar wat saai spel prima uit de opening gekomen. Wit is er net met 25.37-31 achtergelopen. Zwart heeft meerdere opties. Na 25..17-22 greep wit zijn kans om de stand te compliceren:26.24-19! 4-10 (na 26..3-9 heeft wit de tijd om 27.41-37 in te lassen) 27.38-33 27-32* 28.35-30 en het is het niet duidelijk waar zwart het van moet hebben. Getuige het partijverloop Berke ook niet: 28..3-9 29.30-24 11-17 30.49-44 7-11 31.44-39 9-13? 32.33-29! en wit breekt op termijn door op rechts: 39-34-30-25 etc. (2-0)

Na de eerste ronde deelden Van Stight Thans, Den Haag, Den Haag 2 en LDG de eerste plaats met 5 punten, Damlust en De Hofstad Dammers deelden de laatste plaats met 2 punten.

In de tweede ronde speelde Steven den Hollander een snelle remise tegen Edwin de Jager (Van Stight Thans), hield Koos van Amerongen Erno Prosman (Damlust) knap op remise, en hield ook Hans Kreder Gerard de Groot (Den Haag 1) knap op remise.

Hans Tangelder speelde tegen Bas Baksoellah (Den Haag 2).

HansBasB

Hans Tangelder – Bas Baksoellah
Hans Tangelder nam hier een fraaie dam met 34-30 25×34 3.28-22 17×39 4.37-31 26×28 5.50-44 21×43 6.44×2 34-39 7.2×30. Helaas volgde 15-20 8.49×38 39-44 9.30-43 44-50 en Hans stond een schijf achter.

Hans bood remise aan met een schijf achterstand, omdat Bas een stuk minder bedenktijd had. Uiteraard weigerde hij dit te accepteren en werd de partij doorgespeeld, waarbij beiden spelers enkele zetten later elkaar er op moesten wijzen dat slaan verplicht is.

Uiteindelijk eindigde deze spectaculaire partij nog in remise, omdat Bas met een schijf meer vanwege zijn geringe resterende bedenktijd remise aanbod, hetgeen Hans accepteerde.

Met die vier remises stond na de tweede ronde LDG op de derde plaats met twee punten voorsprong op Damlust.

In de laatste ronde moest LDG de voorsprong op Damlust zien vast te houden.

Dat ging helaas mis omdat Hans Kreder het niet kon bolwerken tegen de sterke Erik Hoogendoorn (Damlust), Steven tegen Emre Hageman (Den Haag 1) remise speelde en Hans Tangelder blunderde tegen Harold Jagram (De Hofstad Dammers).

HaroldHans

Harold Jagram – Hans Tangelder

Na 7-11? haalde Harold Jagram verwoestend uit me de zesklapper 34-30 37-31!.

Wel behaalde Koos van Amerongen een mooie overwinning tegen Nico Leemberg (Den Haag 2).

Nadat onze partijen afgelopen waren, had Steven uitgerekend dat we altijd vierde zouden zijn. Daarom gingen we weg voordat alle partijen uit waren (dan zouden we nog rond middernacht terug zijn in Leiden). Helaas waren we de landelijke beker kwartfinale misgelopen.

Het slechte nieuws was inmiddels gedeeld via de LDG WhatsApp door Steven. Op de terugweg vertelde hij nog dat hij bij zijn studie nog een bevoegdheid had gehaald voor wiskunde docent. We twijfelden dan ook niet aan de berekening van Steven van de eindstand.

Echter even na middernacht verschenen de volgende berichten op de LDG WhatsApp:

Steven:

BekerZHDB

Steven: “Volgens mij heb ik een optelfout gemaakt”

Steven: “Geen idee of Damlust door is, of wij”

Na navraag bij de competitieleider bleek LDG toch noch derde te zijn vanwege de beste score op het eerste bord (Koos van Amerongen voor LDG 5 punten, terwijl Erno Prosman voor Damlust op 4 punten bleef steken, Koos won de eerste ronde van Berke Yiğittürk, maar Erno kwam in de laatste ronde niet verder dan remise tegen Berke).

De beker avonturen van LDG kriigen daarom een landelijk vervolg in de kwartfinale van de landelijke beker op 18 mei.

Goede start Casper Remeijer op NK

Met 5 remises en helaas een gemiste kans op een overwinning is Casper Remeijer het NK goed begonnen.

Onderstaande grafieken laten voor de gespeelde partijen van Casper de waardering van de stelling door twee computer programma’s zien. Op de X-as staat het aantal gespeelde zetten, op de Y-as de waardering van de stelling. Boven nul betekent voordeel voor wit en onder nul voordeel voor zwart. Waarde 1.0 komt ongeveer overeen met 1 schijf voordeel.

CasperRonde1

Computer waardering van de partij Casper Remeijer – Wouter Sipma, 5-4-2019

CasperRonde2

Computer waardering van de partij Anton van Berkel – Casper Remeijer, 6-4-2019

CasperRonde3

Computer waardering van de partij Casper Remeijer – Rob Geurtsen, 6-4-2019

CasperRonde4

Computer waardering van de partij Casper Remeijer – Ron Heusdens, 7-4-2019

CasperRonde1

Computer waardering van de partij Hein Meijer – Casper Remeijer, 8-4-2019

De computer grafieken laten zien dat Casper nooit in de moeilijkheden is geweest in de eerste vijf partijen, maar wel een duidelijke winstkans heeft gemist in zijn partij tegen Rob Geurtsen.

NK D1

Casper Remeijer – Rob Geurtsen, stand na 42. 31-27.

Op dit moment komt zwart na 20-24? gewonnen te staan. Aangewezen was 7-11, 28-22, 11-16. 32-28, 6-11 om de schade beperkt te houden. De partij ging verder met 29×20, 15×24, 34-29, 7-11, 29×20, 25×14.

NK D2

Casper Remeijer – Rob Geurtsen, stand na 45. 25×14.

Na het gespeelde 37-31? 26×37, 32×41 slaagde wit er niet meer in om schijf 30 te winnen of beslissend voordeel te halen. Dat was wel gelukt na 28-22! Op 14-20 volgt dan 40-34, 20-25, 34-29, 11-16, 44-40, 35×44, 39×50, 30-35, 29-24, 18-23, 33-28, 26-31, 28×17, 31×33, 50-44, enz.

We wachten met spanning af of Casper in de resterende zes rondes, die van dinsdag 9 april tot en met 13 april gespeeld
worden, nog weet toe te slaan, of tegen een nederlaag aanloopt.

Paasdamtoernooi

Op donderdag 18 april organiseert het Leids Damgenootschap weer haar traditionele Paasdamtoernooi.

Paasdammen

Op die avond worden meerdere korte dampartijen gespeeld. Daarbij wordt ervoor gezorgd dat iedere deelnemer zo veel mogelijk speelt tegen spelers van ongeveer gelijke sterkte. Dus ook mensen die alleen maar thuis zo af en toe een potje dammen, kunnen gerust meedoen. Graag zelfs!

Deelname is gratis. Van tevoren aanmelden is niet nodig.

U wordt gevraagd om uiterlijk 19:45 uur aanwezig te zijn, zodat de dampartijen om 20:00 uur kunnen beginnen. Rond 22:30 uur wordt de eindstand opgemaakt. De wedstrijden worden gehouden in ons clublokaal in het Leids Denksportcentrum, Robijnstraat 4, Leiden.

De onderlinge wedstrijden (1)

André van der Kwartel

Hans Tangelder heeft enige tijd geleden mede namens mij gevraagd om partijfragmenten of partijnotaties uit de onderlinge wedstrijden naar mij toe te sturen, zodat wij met enige regelmaat de prestaties van onze damgenoten bij de onderlinge wedstrijden met elkaar kunnen delen. Tot nu toe heeft alleen Dick den Ouden aan dat verzoek voldaan. Ik begin dan ook met zijn bijdrage:

Ouden

Dick den Ouden – Evert Bronstring

Een leuke, scherpe stand, waarin Dick met een verrassende zet komt: 37-31!? Dick speculeert met deze zet op een remisevariant die er helemaal niet in zit: (21-26?!), 25-20 (26×46), 20×9 (13×4), 22×2 maar nu kan volgen: (24-29), 2×33 (11-17), 28×19 (46×5), 33×11 (6×17) en zwart wint. Evert had kennelijk niet de moeite genomen om verder te kijken dan de slag 22×2 en speelde in de partij (11-17), 22×11 (6×17), 41-36! [Nu is (21-26) verhinderd wegens 27-21.] (23-29!?), 28-23! (19×26), 39-34 (21×43), 34×3 (43-49), 3×6 (49-21) en remise overeen gekomen.

Zelf heb ik in recente partijen ook een aantal aardige fragmenten weten te fabriceren, uiteraard altijd in noeste samenwerking met mijn tegenstanders. Twee voorbeelden:

KwartelHofwegen

André van der Kwartel – Edwin van Hofwegen, 3 januari 2019

Stand na de 33e zet van zwart.

Ik dacht hier een sterke voortzetting te zien: 34-30 (25×34), 39×30. Er dreigt 30-25 met allerlei ellende voor zwart. (20-25!?) 44-40! (25×34), 43-39 (34×32), 37×6 en ik won snel. Ik was natuurlijk zeer tevreden totdat na afloop Steven (of was het Casper?) aangaf dat zwart na 39×30 een schijf had kunnen winnen door het offer (22-28), 23×32 (20-25).

BurgerhoutKwartel

Joop Burgerhout – André van der Kwartel, 7 maart 2019

Stand na de 21e zet van wit.

Ik speelde hier (14-19) puur op positionele overwegingen. Ik ging ervan uit dat ik na 48-43 enz. duidelijk beter zou staan. In de partij kwam dat er ook goed uit. Joop signaleerde hier de volgende mogelijkheid: (11-17), 37-31 (26×28), 24-19 (13×35), 27-22 (18×27), 34-30 [Moet wel, anders wordt de dam direct met schijfwinst afgepakt.] (35×24), 38-32 (x), 42×4. Een fraaie, maar te dure damzet. Na (14-19) verdwijnt de dam toch snel met schijfverlies van het bord. Er dreigt (3-9) en als wit zijn dam terugtrekt naar bijvoorbeeld 36 volgt (12-18) en (15-20).

Ten slotte heb ik vernomen dat sommige damgenoten ook bereid waren om eens in oude schoenendozen te snuffelen om daarmee een rubriek “uit de oude doos” te vullen. Lijkt mij een leuk initiatief en ik wacht dan ook graag jullie inzendingen af. Wie weet hoeveel pareltjes we met ons allen kunnen produceren. Als er ook nog een anekdote bij valt te vertellen, is dat helemaal mooi. Misschien kunnen we daar te zijner tijd dan nog eens een klein boekje van maken. Een voorbeeld uit mijn eigen archief:

KwartelVerboom

André van der Kwartel – Wim Verboom, 7 november 1969

Het was mijn tweede seizoen bij wat toen nog de Leidse Damvereniging heette. Ik herinner mij nog dat ik enorm in tijdnood zat. Ik zag een slagzet schemeren, maar durfde het niet aan om hem door te rekenen. Ik speelde in deze toch wel gewonnen stand dus maar 38-32 en miste daarmee: 45-40! (26×37), 28-23 (19×39), 30×10 (15×4), 25×14 (9×20), 38-32 (37×28), 29-24 (20×29), 40-34 (x), 35×2.

Achterstallig verslag 3: De Hofstad dammers

André van der Kwartel

Het tiental heeft de competitie afgesloten tegen De Hofstad Dammers. Er stond voor beide teams niets meer op het spel. LDG was zeker van behoud voor de Eerste Klasse, De Hofstad Dammers wisten al dat zij veroordeeld zouden zijn tot het spelen van een promotie/degradatiewedstrijd. Misschien waren de Leidenaren door dit gegeven wat minder scherp. Bovendien moest het tiental met twee invallers aantreden. In ieder geval verloor het tiental tamelijk onverwacht met 11-9.

De wedstrijd werd zoals gebruikelijk geopend door Evert Dollekamp die een snelle remise overeen kwam met Krijn Toet.

Daarna verloor Hans Tangelder doordat hij – heel ongebruikelijk – in een slagzetje liep.

HansJaap

Hans Tangelder – Jaap van Hal

Stand na de 28e zet van zwart.

Na 41-37? Volgde: (17-21), 26×28 (23×41), 47×36 (27-32), 38×27 (25-30), 34×25 (14-20), 25×23 (18×47) en Hans kwam er niet meer aan te pas.

Peter van den Berg speelde remise. Hij kreeg een vrij gemakkelijke schijfwinst in de schoot geworpen en het was jammer dat de overblijvende stand zo veel compensatie bevatte, dat zijn tegenstander betrekkelijk gemakkelijk naar remise kon spelen.

Vervolgens speelde Maurits Meijer remise. Dat was vooral te danken aan zijn strijdlust in combinatie met slordigheden van zijn tegenstander. De manier waarop hij een schijf achter kwam, was het gevolg van een bekende manoeuvre, die ik hier nog maar eens laat zien. Iedere dammer behoort dit mechanisme te kennen. Waarschijnlijk kende Maurits hem ook wel, maar ontbrak het even aan de benodigde zetcontrole.

MauritsHugo

Maurits Meijer – Hugo Simons jr.

Stand na de 14e zet van zwart.

28-23?? (27-32!), 38×27 (22-28), 23×32 (18-22), 27×18 (12×23), 29×18 (20×27), 31×22 (17×28).

Nooit meer vergeten!

Na deze schijfwinst verkreeg zwart een gewonnen stelling, maar op verschillende momenten speelde hij niet de sterkste zetten. Het meest spectaculaire fragment staat hieronder.

MauritsHugo2

Maurits Meijer – Hugo Simons jr.

Stand na de 42e zet van zwart.

35-30 (24×35), 33-29 (4-9!?), 29×27 (35-40), 32×23 (40×18). Dit lijkt voldoende en dat had het ook moeten zijn. Maar zwart had in plaats van (4-9) krachtiger kunnen handelen: (25-30), 29×27 (28-33!) en hoe wit ook slaat, zwart komt snel op dam en wint gemakkelijk. In de partij speelde zwart nog enkele zwakke zetten en kwam Maurits met remise weg.

Jack van der Plas speelde een gelijkwaardige remise. Dat deed Evert Bronstring ook, maar dan tegen een relatief duidelijk zwakkere tegenstander. Vervolgens bracht ook invaller Hans Kolfoort een remise binnen, maar hij heeft daarbij misschien wel wat geluk gehad.

HansNuzarim

Hans Kolfoort – Nizaam Muradin

Stand na de 45e zet van wit.

De zwartspeler kon de verleiding niet weerstaan: (13-19), 24×22 (21-27), 22×31 (26×39). Maar na 38-32 leverde die actie niets op. Duidelijk sterker zou zijn geweest: (21-27), 32×21 (16×27). Zwart dreigt met (13-19), dus wit moet wel: 42-37 (3-9) en wit heeft ernstige problemen. Bijvoorbeeld: 49-43 (27-31), 36×27 (18-23), 29×18 (13×42), 38×47 (25-30), 24-19 (30-34) met voordeel voor zwart.

Hans Kreder bracht na een interessante partij de score op 8-8. Het einde van de partij was aardig om te zien.

HansBonne

Bonne Douma – Hans Kreder

Stand na de 48e zet van wit.

Zwart staat inmiddels een schijf voor, maar maakt het zich hier onnodig moeilijk: (14-20!?) [(14-19) was beter geweest om de actie 26-21 en 28-22 uit te schakelen.] 26-21 [Wit gaat te vroeg over tot actie. Meer verdediging gaf 39-33.] (17×26), 28-22 [Zelfs hier was 39-33 nog beter geweest.] (18-23), 22-18 (29-34!!) en wit gaf op.

De tweede invaller, Arjan Varkevisser, speelde verdienstelijk remise, waarna de uitslag van de wedstrijd afhing van de partij van teamleider Harry Dekker. Het zou een dramatische partij worden.

HansHarry

Hans Jacobsen – Harry Dekker

Stand na de 37e zet van zwart.

Na 47-41?? Miste zwart een verrassende damzet: (25-30), 34×25 (24-29), 33×24 (22-27), 31×22 (13-19), 24×11 (6×46). De overblijvende stand is na bijvoorbeeld 39-34 niet gewonnen, maar in ieder geval is het veel beter dan zoals het in de partij liep.

Na deze gemiste kans ging Harry in het eindspel namelijk nog dramatisch in de fout.

HansHarry2

Hans Jacobsen – Harry Dekker

Stand na de 54e zet van wit.

Zwart kan de stand hier gemakkelijk remise houden met (13-19×9). Hij speelde echter (18-23??), 39-34?? [Wit mist de winst. Na 31-27×27 is de stand gewonnen.] (14-19), 24-20 (13-18?) [Nu gaat de partij verloren:] 20-15 (22-28), 15-10 (28×26), 10-5 en zwart gaf op.

Het verrassende is dat zwart in plaats van (13-18) had moeten spelen: (22-28). 32-27 wint dan zeker niet, maar ook het voor de hand liggende 34-29 faalt: (28×26), 29×9 (19-23), 9-4 (23-28), 4-27 (28-33), 27-43 (11-17) [Nu dreigt (17-21), (26-31) en (33-38) met remise] 43-48 (33-38) en nu volgt altijd (26-31) met remise.

Tot slot

Het Leids Damgenootschap is met slechts zeven punten de competitie geëindigd op de negende plaats. De individuele scores waren:

NAAM

AW

SCORE

Hans Tangelder

11

15

Evert Dollekamp

10

13

Hans Kreder

9

10

Edwin van Hofwegen

9

9

André van der Kwartel

9

9

Jack van der Plas

9

9

Maurits Meijer

11

9

Evert Bronstring

11

9

Peter van den Berg

10

8

Harry Dekker

10

5

Joop Burgerhout

1

2

Hans Kolfoort

2

2

Dick den Ouden

3

2

Arjan Varkevisser

1

1

Hein van Winkel

2

1

De tabel illustreert de matige resultaten van het tiental. Slechts drie van de basisspelers scoorden boven hun gemiddelde. Drie spelers scoorden precies volgens hun gemiddelde en de overige bleven daaronder.

Achterstallig verslag 2: Rijnsburg

André van der Kwartel

In de laatste ronde van de provinciale competitie moest het zestal aantreden tegen de Rijnsburgse Damclub (RDC). Het had een spannende strijd om het kampioenschap kunnen worden, ware het niet dat Damlust uit Gouda al eerder zijn laatste competitiewedstrijd had gewonnen en daarmee onbereikbaar was geworden voor de concurrentie. Of dat gegeven een rol heeft gespeeld, valt niet na te gaan, maar het zestal liep tegen een onverwacht grote nederlaag aan. RDC won met maar liefst 10-2 van de Leidenaren.

Evert Dollekamp volhardde in zijn streven om zijn partijen niet langer dan de verplichte veertig zetten te laten duren en in dit geval lukte het hem door op de 37e zet een stevige blunder te begaan.

DeLeeuwDollekamp

Marco de Leeuw – Evert Dollekamp

Stand na de 37e zet van wit.
(9-14???). Ook sterke spelers maken wel eens blunders, hetgeen ons, gewone dammers, nog wel eens tot troost wil zijn. 27-21 (16×27), 28-23 (19×28), 33×11 en zwart gaf op.

Vervolgens speelde Frank Eektimmerman remise. Hij kwam vroeg in de partij een schijf achter, maar wist deze terug te veroveren, waarna de partij betrekkelijk moeiteloos remise liep. Op het moment dat Frank zijn schijf terugwint lijkt er iets vreemds aan de hand met de evaluatiefunctie van de computer:

WielaardFrank

Thomas Wielaard – Frank Eektimmerman

Stand na de 38e zet van zwart.
Eerst het partijverloop: 34-29 (13-19), 31-27 (19×28), 30-25 (2-8), 27-22 (28-32), 22×11 (6×17), 42-38? En hiermee geeft wit het laatste beetje voordeel dat hij nog had uit handen. Mijn verbazing betrof het feit dat 34-29 niet door de computer werd gesignaleerd als een foutzet. Maar de fout van wit ligt veel later, alhoewel zetten als 31-27 of 42-37 in plaats van 34-29 duidelijker zijn. Schijf 23 is immers beschermd doordat na het slaan 30-24 volgt. In feite is de zet 27-22 in het spelverloop pas de foutzet. Als wit op dat moment 42-37 speelt, kan hij alsnog op het juiste moment schijf 28 veroveren.

Hans Tangelder verloor omdat hij ditmaal de grenzen van de speelbaarheid van standen te ver op wilde rekken.

TangelderStar

Hans Tangelder – Jan van der Star

Wit staat al niet zo heel goed, maar na 27-21 ging het snel mis: (30-35), 38-33 (35×44), 39×50 (11-16), 32-27 (18-22), 27×18 (16×36) en wit kwam twee schijven achter.

Harry Dekker verloor nadat hij in het middenspel een wat ongelukkige opbouw had gekozen, waarna hij positioneel steeds slechter kwam te staan.

Steven den Hollander speelde remise in een partij waarin de remisemarge nooit in gevaar kwam.

De wedstrijd werd afgesloten met een nederlaag van Casper Remeijer. Gezien het goede seizoen dat Casper achter de rug heeft, mag dat wel een grote verrassing worden genoemd. Vooral ook door de manier waarop het verlies tot stand kwam. Casper heeft in deze partij eigenlijk geen kans gehad.

Achterstallig verslag 1: Den Haag

André van der Kwartel

De trouwe volgers van deze website hebben nog drie verslagen te goed van de verrichtingen van respectievelijk het Tiental tegen de Damclub Den Haag, het Zestal tegen de Rijnsburgse Damclub en het Tiental tegen De Hofstad Dammers. Ik ben wat achter geraakt met de verslaglegging, maar die achterstand zal snel worden ingelopen. Als eerste het verslag van de wedstrijd van het tiental tegen de Damclub Den Haag uit de tiende ronde van de landelijke competitie. De wedstrijd eindigde in een verdienstelijke 10-10 tegen het team dat uiteindelijk op de tweede plaats zou eindigen.

Evert Dollekamp opende de score door alweer een snel behaalde schijf winst moeiteloos naar winst te schuiven. Het was een eenvoudige, maar in een bepaald opzicht toch ook verrassende schijfwinst.

FransTEver

Frans Teijn – Evert Dollekamp

Stand na de 12e zet van zwart.

37-32?? (22-28!), 32×23 (21-27), 31×22 (13-18), 22×13 (8×28), 33×22 (24×44), 43-39 (44×33), 38×29 (20-24), 29×20 (15×24). De eenzame voorpost op 22 werd vervangen door een nog eenzamere voorpost op 19 die vervolgens eenvoudig werd opgepeuzeld. Hoewel wit nog lang tegenstribbelde werd de klus binnen twee uur geklaard.

Den Haag kwam op gelijke hoogte doordat Jack van der Plas – in deze wedstrijd spelend aan het eerste bord – al vroeg in de partij op een schijf achterstand kwam.

JackNicoL

Jack van der Plas – Nico Leemberg

Stand na de 14e zet van zwart.

Wit heeft zijn stand iets te optimistisch ingericht. De schijf op 23 is lastig te verdedigen. Het beste lijkt nog 39-34 (10-14), 43-39, alhoewel dat er nogal geforceerd uitziet. In de partij speelde wit echter 49-44?? (22-27!) met een onweerlegbare dreiging. Op 37-32 volgt (11-16×27). In de partij speelde wit 39-34, waarna volgde: (26-31), 37×26 (27-32), 38×27 (20-25), 29×20 (18×49). 26-21 (25×14), 21-16. Zwart stond een schijf voor en wit kwam er niet meer aan te pas.

Na geruisloze remises van Hans Kreder en Edwin van Hofwegen mocht ik de stand op 5-5 brengen. Maar zoals wel vaker in deze competitie liet ik weer eens de winst liggen. Vermoedelijk zelfs meer dan één keer. Maar één fragment is overduidelijk.

AndreeGerard

André van der Kwartel – Gerard de Groot

Stand na de 31e zet van wit.

Hoewel… overduidelijk? In de diagramstand speelde zwart (8-12!?). Waarschijnlijk speculeerde hij op: 28-22?? (12-17), 22×31 (13-19), 24×22 (17×48) en nu kan wit de zwarte dam niet direct afpakken met 31-26 wegens de meerslag naar veld 6. Na afloop gaf mijn tegenstander aan dat wit hier winst had kunnen forceren met 40-34 en de dreiging 34-30. Dat klopt echter niet vanwege (21-26×17), waarna zwart met (3-9) de dreigende slag naar veld 8 kan neutraliseren. De computer komt echter wel degelijk met een verrassende winnende actie: 24-19!! (13×24), 37-31. Ik heb geen seconde naar dit offer gekeken. In de partij speelde ik 28-23.

Tegen het eind van de partij miste ik nogmaals de winst, maar één keer mezelf in het openbaar kritiek geven lijkt mij genoeg. Debutant Joop Burgerhout deed het aanzienlijk beter, waarbij moet worden opgemerkt dat zijn tegenstander een wel heel ernstige fout maakte.

JoopPlodder

Joop Burgerhout – Piet Lodder

Stand na de 38e zet van wit.

Na (17-21×21) is de stand gelijkwaardig, maar zwart speelde (20-24??). Natuurlijk volgde 27-22 (18×27), 32×21 (16×27), 28-23 (19×28), 30×10 en wit won snel.

Hans Tangelder bracht de volgende remise binnen en daar mocht hij zijn tegenstander dankbaar voor zijn. We komen erin als de stand voor Hans al enige tijd uitzichtloos is. Maar Hans hanteert het gezonde principe “Opgeven kan altijd nog.”

HanTRoyB

Hans Tangelder – Roy Bidesi

Stand na de 51e zet van wit.

Zwart kan hier de stand gemakkelijk in het slot gooien met (14-19), 40-34 (11-6). Maar zwart speelde direct (11-16) en dat was een slordigheidje. Wit kan nu een taaie verdediging bouwen met 27-22 (18×27 anders breekt wit door), 21×32 en de actie (25-30-34-39) blijkt onvoldoende voor de winst. Wit mist echter deze mogelijkheid: 40-34? (14-19), 27-22 (18×27), 21×32 (16-21??) [Een ernstige fout van zwart. (17-22) is eenvoudig gewonnen.] 32-28 (12-18), 45-40 [Dit had de verliezende zet moeten zijn. 44-39 geeft nog kansen op remise.] (17-22), 26×17 (22×24), 17-11 (19-23), 11-7 (18-22??) [Een moment van damblindheid? (24-30) is direct gewonnen.] 44-39 (35×33), 7-1 en remise overeengekomen.

Vervolgens verloor Harry Dekker. Harry is de laatste tijd in een wat mindere vorm. Ook in deze partij valt nauwelijks een duidelijke fout aan te geven. Hij kwam gewoon langzaam steeds slechter te staan en verloor. Als nuancering moet wel worden aangegeven dat zijn tegenstander zo’n 200 ratingpunten sterker was.

Evert Bronstring bracht de stand met een remise op 9-9, maar zijn fraaie partij had een beter lot verdiend en dat had ook gemakkelijk gekund.

EvertBBas

Evert Bronstring – Bas Baksoellah

Stand na de 51e zet van zwart.

Wit is aan zet en kan in één zet winnen: 6-1!! Ga het zelf maar na: (35-40) werkt niet. Op (12-17) volgt 1-6 of 1-12. In de partij werd gespeeld: 44-39 Nu kan zwart remise houden met (24-29) vanwege de plakmogelijkheid (29-33), maar hij speelde (12-17), 6-1 (24-30). Nu kan wit weer in één zet winnen door 1-34, maar ook dit moment wordt gemist. Gespeeld werd 42-37?, waarna verrassend volgde: (8-12), 1×3 (27-31) en remise gegeven.

Maurits Meijer sloot de wedstrijd af met een remise die na een merkwaardige partij tot stand kwam. Maurits kwam vroeg in de partij een schijf achter, won deze terug ten koste van een kwetsbare voorpost. Die ging ook weer verloren, maar inmiddels had Maurits zo veel compensatie gekregen dat zijn tegenstander de gewonnen schijf maar weer terug offerde en er alsnog remise overeen werd gekomen. Een partij met een verhaal, maar niet echt opwindende momenten.

Casper Remeijer naar finale Nederlands Kampioenschap

Hans Tangelder

Begin dit jaar zijn de halve finales van het kampioenschap van Nederland weer van start gegaan met deelname van de LDG-leden Steven den Hollander en Casper Remeijer in groep D met als favorieten op basis van rating Hein Meijer en Ben Provoost.

Voor Steven den Hollander verliepen de halve finales minder succesvol. Hij begon weliswaar met twee overwinningen, maar volgde dat op de tweede speeldag op met twee nederlagen. Met twee goede remises op speeldag drie staat hij met nog één ronde te gaan op 6 punten uit 6 wedstrijden en kan hij zich niet meer plaatsen voor de finale. Casper Remeijer bekroonde zijn halvefinaledebuut met plaatsing voor de finale. Hij behaalde een fraaie score van 10 punten na zes wedstrijden en is daarmee zeker van een eerste of tweede plaats, die allebei recht geven op deelname aan de finale. Hein Meijer kan Casper in de laatste ronde nog wel passeren op de ranglijst, maar Ben Provoost niet meer, omdat hij maar liefst 5 remises speelde en slechts 1 overwinning boekte.

Remeijer

Casper Remeijer in actie tijdens de nationale competitie, rechts vooraan. (foto website Frits Luteijn)

In de eerste ronde tegen Waldo Aliar haalde Casper Remeijer een combinatie uit, maar die was niet heel moeilijk.

KasperAliar

Casper Remeijer – Waldo Aliar

In deze stelling blunderde Waldo Aliar met 14-19?, 23×14, 20×9 Met de simpele dam 28-23, 17×19; 39-34, 30×28; 32×3 haalde Casper de winst binnen.

Tegen Jan Lammers speelde Casper in de tweede ronde een spannende partij, waarbij hij een mooie omsingeling met winst bekroonde. Op toernnooibase gaf Casper de volgende mogelijkheid aan.

Casper Lammers

Jan Lammers – Casper Remeijer

Hier hoopte Casper op 34-30 25×34 39×30? om daarna fraai toe te slaan met 21-27; 32×21 17×26; 28×17 19×50; 30×10 11×22;10-5 4-10; 5×25 26-31; 36×18 12×34; 25×39 50×41.

In de derde ronde had Casper tegen Steven den Hollander ook een mooie partij met een flankaanvalomsingeling, waarbij hij aan het einde met combinatieve dreigingen winnend voordeel afdwong. Tegen Hein Meijer behaalde Casper in de vierde ronde een degelijke remise. De partij in ronde vijf tegen Ben Provoost was fraai en goed gespeeld door Casper met remise als resultaat. In die partij zaten ook prachtige combinatieve mogelijkheden:

CasperProvoost

Ben Provoost – Casper Remeijer

Hier mag 29-33 niet vanwege 39. 16-11 06×17; (anders slaan is praktisch hetzelfde) 37-32 28×37; 31×42 22×31; 26×37 17×26; 34-30 24×44; 50×17 w+1. Casper speelde daarom 6-11, maar hij had met 10-14 ook de volgende combinatie kunnen meenemen:  … 10-14; 37-32 28×37; 31×42 22×31; 36×27? 12-17; 21×12 23-28; 34×32 13-19; 12×23 19×48.

In ronde zes speelde Casper tegen Frank Teer een korte en explosieve partij. Frank Teer speelde de opening niet goed en verloor al snel een schijf.

Met de plaatsing voor het NK treedt Casper nu het illuster gezelschap van Leidse NK finalisten: Wim Huisman, Jan van Leeuwen, Cees Varkevisser, Evert Bronstring en Evert Dollekamp.

Evert Bronstring Grand Maître National

Evert Dollekamp

Toen jij me belde met geweldig leuk nieuws dacht ik: dat kan maar twee dingen betekenen. Of het had te maken met mijn grootmeestertitel of dat mijn boekje af is.’ Allebei! Dat eerste geeft maar aan dat dit Evert inderdaad jarenlang heeft achtervolgd.

Verroest!’, om met Evert te spreken. Ik las mijn stukjes nog eens door en dacht: mailtje aan de KNDB! Zou het nu niet een geweldig leuk idee zijn Evert tot GMN te benoemen? En hem die 1/6 grootmeesterpunt kwijt te schelden? Al was het maar omdat Evert Bronstring nog steeds een geweldige naam heeft in de damwereld.

Binnen twee weken kreeg ik bericht van de wedstrijdcommissie. En wat blijkt: er is in het verleden een rekenfoutje gemaakt. Men heeft een en ander nog eens nagerekend. Evert heeft niet 25/6 maar 3¼ grootmeesterpunt! En is dus al sinds 28 april 1984, na die prachtige NK-overwinning op Johan Bastiaannet, Grand Maître National! Toen ik het KNDB-mailtje las was ik verontwaardigd (rekenfoutje…) en blij tegelijk.

De verontwaardiging werd al snel overvleugeld door een ongelooflijk goed humeur. Juichend liep ik door de binnenstad van Leiden. Zo krijgen al die nederlagen tegen Evert als het ware een diepere betekenis. Even later liep ik Nico Dijkshoorn tegen het lijf. En het was ook nog mijn eerste werkdag in de WW. Wat een topdag! En ik heb plotseling alsnog met terugwerkende kracht een dierbare herinnering aan mijn twee dramatische NK-optredens. Want ik stond erbij en keek ernaar toen Evert zijn beslissende punten vergaarde.

Op naar Evert aan de Oude Herengracht. Het is mij een grote eer hem de blijde boodschap over te brengen. Evert reageert op de hem zo bekende wijze. En pakt het rekenapparaat, bestaande uit pen en papier, bij de hand. En komt erachter dat die 25/6 eigenlijk 211/12 moet zijn. Dit zonder die 1/3 van het NK 1984. Werkelijk weergaloos werkt hij met breuken. En bemerkt dat die 31/4 juist is. Evert Bronstring is Grand Maître National! Hij is blij. Geen wroeging richting de KNDB. Die blijkbaar ook al niet kan tellen. ‘Ik heb hier ongelooflijk veel recht op!’ Met tranen in de ogen neem ik afscheid.