Tiental begint stroef aan de competitie

André van der Kwartel

Het tiental van het Leids Damgenootschap is de landelijke competitie begonnen met een ruime nederlaag tegen De Waarddammers. Het verlies was op zichzelf niet verrassend. De Waarddammers behoort naar verwachting tot de kampioenskandidaten. Tegelijkertijd is het Leids Damgenootschap ten opzichte van het vorige seizoen verzwakt door het wegvallen van Evert Bronstring en Evert Dollekamp. Maar dan nog viel de nederlaag van 5-15 teleurstellend hoog uit.

De wedstrijd begon veelbelovend voor LDG. Edwin van Hofwegen profiteerde van een blunder van zijn tegenstander.

Waard1

Pieter Trapman Sr. – Edwin van Hofwegen

Stand na de 27e zet van zwart.

37-32?? Zwart liet zich dit cadeautje niet ontgaan: (24-30), 35×24 (13-19), 24×22 (17×48). Wit hield het daarna wel voor gezien.

De Waarddammers bracht de stand al snel op gelijke hoogte. Peter van den Berg overzag een iets dieper, maar toch ook niet al te moeilijk slagzetje.

Waard2

Peter van den Berg – Peter de Hek

Stand na de 35e zet van zwart.

Wit staat lastig, maar had zich nog kunnen verdedigen met 38-33. Na (25-30), 34×25 (23×43), 49×38 (18-23) zal hij het wel zwaar krijgen, maar het is altijd nog beter dan de zet die in de partij werd gespeeld: 49-43?? (18-22), 29×27 (7-11), 16×18 (13×44). Na nog enkele symbolische zetten gaf wit op.

De Waarddammers kwam op voorsprong door de nederlaag van Maurits Meijer. Hij had in zijn partij al langere tijd onder druk gestaan en overzag op de 39e zet een verrassende finesse.

Waard3

Maurits Meijer – Theo de Swart

Wit aan zet.

Wit staat onder druk, maar met 37-32 heeft hij nog verdediging. Maurits speelde echter 39-34? (13-18!). Er dreigt nu(24-29) en (27-31). Deze dreiging wordt niet weggenomen als wit 34-29 speelt. Wit speelde dus het voor de hand liggende 37-32 en werd ongetwijfeld verrast door: (26-31), 32×21 (23-28), 36×27 (28×48). Maurits pakte de dam nog af met 34-30 (48×25), 40-34, maar verloor snel.

De Waarddammers liep al snel verder uit. Hein van Winkel verloor door een blunder in het eindspel.

Waard4

Henk Houweling – Hein van Winkel

Stand na de 50e zet van wit.

Zwart kan hier direct remise maken met (44-49). Maar hij speelde (44-50??), 20-14 (50×6) en liet zich 27-22 (6×46), 10-5 (46×10), 5×1 niet meer bewijzen.

Vervolgens verloor Joop Burgerhout na een goede partij tegen Wim Kalis. Geen schande. Tot aan de 51e zet hield Joop nog goed stand, maar toen sloeg de aanval van zijn tegenstander door. En dat was misschien niet nodig geweest.

Waard5

Joop Burgerhout – Wim Kalis

Stand na de 50e zet van zwart.

Spelverloop: 27-21A (29-34), 21-16B (33-39), 43-38 (39-44). Hierna ging de partij snel verloren voor wit. Bij A en B had wit zich wat taaier kunnen verdedigen:

B) De computer suggereert 35-30 en nu bijvoorbeeld: (34-30), 30-24 (40-44), 37-31 (44-49), 24-20 (49×36), enz.

A) Hier had wit beter direct kunnen doorbreken met 27-22 (18×27), 17-12 en nu bijvoorbeeld: (27-32), 12-7 (32×41), 7-1

Hans Kreder behaalde het derde punt voor LDG met een remise waarin zich geen bijzondere momenten voordeden. Dat geldt niet voor de tweede remise van de wedstrijd die op naam kwam van Arjan Varkevisser.

Waard6

André de Raad – Arjan Varkevisser

Stand na de 42e zet van wit.

Een gelijkwaardige stand in het klassieke spelgenre. Zwart kan de stand gelijk houden met (12-17), maar hij speelde (11-16?), 30-25 (6-11?) Een tweede fout. Ook hier had (12-17) nog meer verdediging gegeven. 35-30?? Maar wit ziet het ook niet erg scherp. Winst was geweest: 25-20 (24×15), 35-30 [Dreigt 30-24 en op (11-17) volgt 30-24 gevolgd door 27-21. Zwart heeft dus niet beter dan:] (23-29), 33×24 (11-17), 37-31 (26×37), 32×41 en wit zal gaan winnen. Na het foutieve 35-30 van wit volgde: (24×35), 25-20 (23-29×30) en de partij liep remise.

Harry Dekker behaalde met een gelijkwaardige remise het vijfde en laatste punt voor LDG binnen. De twee overgebleven partijen gingen verloren voor LDG. Eerst verloor Hans Tangelder. Hij had in zijn partij al langdurig onder druk gestaan en uiteindelijk resulteerde dat in een verloren vier-om-twee eindspel.

Ik mocht zelf de wedstrijd afsluiten. Helaas ook met een nederlaag. In mijn partij zijn twee opvallende momenten aan te wijzen.

Waard7

Peter Hartog – André van der Kwartel

Stand na de 35e zet van wit.

Een leerzaam moment: De benodigde zetcontrole moet niet alleen gaan over de vraag of de tegenstander na jouw zet een ‘zetje’ heeft, maar ook of jijzelf nog wel een goede zet over hebt. En daar ging het bij mij nu fout. Verstandig is hier (17-21×21), waarna de stand nog steeds gelijkwaardig is. 33-28 levert wit immers niets op, omdat zwart na 28×19 (15-20) speelt. In de partij speelde ik: (17-22??), 41-36 (22×31), 36×27. En hier realiseerde ik mij pas dat wit na (12-17) beschikt over 34-30 en 27-21. Een hele schrik, maar er is helaas geen alternatief voor (12-17). Wit nam deze drie-om-drie inderdaad en ik kon mij op een zware verdediging voorbereiden.

Het verrassende in dit fragment is overigens dat wit die drie-om-drie helemaal niet moet nemen. Veel sterker is 24-20×20. Omdat wit dan dreigt om met 34-29 en 27-21 een schijf te winnen kan zwart de schijf op 20 niet wegruilen en uiteindelijk zal dat resulteren in een winnende doorbraak voor wit. Bijvoorbeeld: (8-12), 20-15 (9-14), 34-30 (13-19), 30-25 enz.

Nadat ik op de 50e zet al een duidelijke remise had gemist, overzag ik op 61e zet mijn laatste remisekans.

Waard8correctie

Peter Hartog – André van der Kwartel

Zwart kan hier nog remise forceren met (22-28), 23×32 (47-41), 32-27 (41-36), 27-21 (36-9). Er dreigt (9-3) met remise. Op 8-3 maakt zwart remise met (9-18), 3×25 (18×45). Op 7-11 volgt toch 9-3! En dank zij de losse schijf op 40 is het dan remise. In de korte tijd die ik nog per zet beschikbaar had, heb ik dit detail in mijn berekeningen helaas gemist.

LDG 2 wint ook tweede wedstrijd!

Eelco Kuipers

De tweede wedstrijd van het seizoen bracht ons tegen DOS Delft 2. De eerste thuiswedstrijd voor ons dus toch weer een spannend moment. Ten opzichte van de eerste wedstrijd speelde Robert in plaats van Daan.

Ook het eerste speelde thuis en met daarnaast nog een aantal potjes voor de interne was het gezellig druk.

Robert maakte dus zijn debuut en mocht gelijk aan bord 1 zijn kunsten etaleren. Wat de anderen de eerste wedstrijd al hadden ondergaan was natuurlijk het noteren! Gelukkig hebben we de partij van Robert kunnen reconstrueren voor de archieven. Degelijke partij van Robert op 1 blunder na die direct beslissend bleek te zijn. Zijn tegenstander voerde keurig een diepe combinatie uit waarmee we op een 0-2 achterstand kwamen.

Eelco aan bord 4 speelde zijn schijven allemaal het centrum in terwijl zijn tegenstander juist voor de randen koos. Heel goed Eelco een soort Mozes die de Rode Zee spleet hoorde ik na afloop! Zelf ervaar ik dat centrum toch vooral ook als een soort Europa bij Risk, niet te behouden. De zwarte stelling was steeds iets beter maar echte vorderingen maken lukte niet. Net op het moment dat de partij in remise leek te gaan eindigen gebeurde het volgende:

Viertal_D1

Stand na 53…19-24 van zwart

Ik dacht hier wit zal 54. 32-27 doen waarna zwart met 54…24-29 wel remise zal maken.

Wit speelde echter 54. 31-26 ? om met een schijfoffer naar dam te lopen. Er volgde 54…24-29 55. 26-21 17×26 56. 16-11 22-27 57. 32×21 26×6 en zwart won.

Na afloop is er nog een tijdje gekeken voor wit om met 56. 32-27 een tweede schijf te offeren maar dit lijkt toch ook te winnen voor zwart bij handig spel.

Tussenstand 2-2 daarmee en volop spanning. Op de borden 2 en 3 was er nog weinig over te zeggen (in elk geval voor ons):

vierTal_Foto1

Even later leken we toch de beste kansen te hebben toen het als volgt stond:

vierTal_Foto2

Maar ja schakers die om moeten gaan met dam?!?

Bij Quirinius op bord leek de winst te worden vergooid totdat duidelijk werd dat er middels een briljante combinatie de 2 punten toch nog veilig konden werden gesteld:

Viertal_D2

Stand na 54…33-39 van zwart

Het probleem voor wit is dat na 55. 25-20 39×48 56. 31-26 48×31 er een meerslag is waardoor het remise is. Quirinius vindt de oplossing voor dit probleem:

55. 25-20 39×48 56. 35-30 ! 34×14 57. 31-26 48×31 en nu zit de meerslag er niet meer in en won wit met 58. 26×05

Een 4-2 voorsprong dus met Eric aan bord 2 te gaan. Beide partijen hebben hier kansen onbenut gelaten:

Viertal_D3

Stand na 32. 43-38

Zwart had hier een schijf kunnen winnen met 32…24-30.

Vervolgens was het de beurt aan wit die had kunnen winnen in de volgende stand:

Viertal_D4

Stand na 57…22-27

Wit had hier als volgt kunnen winnen: 58. 24-19 14×34 59. 25-20 15×24 60. 35×25 27-32 61. 25-20 32-37 62. 20-14 36-41 63. 47×36 37-42 64. 14-37 42×31 65. 36×27

Je moet het allemaal maar even zien!

Op de toernooibase staat een uitgebreide analyse van deze partij: https://toernooibase.kndb.nl/opvraag/applet.php?kl=16&Id=8435&r=2&jr=20&wed=1200243

Dat de partij uiteindelijk in remise eindigde is daarmee misschien wel terecht. Voor ons betekende dit in elk geval de 2e overwinning van het seizoen!

Na afloop heeft Steven met ons nog even de partijen doorgenomen, waarvoor dank!

De uitslagen nog even op een rijtje:

Viertal_Uitslag

Provinciale successen

André van der Kwartel

De twee teams van LDG die uitkomen in de provinciale competitie hebben in de afgelopen ronde goed gescoord. Het viertal – dat bestaat uit vier schakers die sinds kort ook de damsport beoefenen – won zijn eerste wedstrijd in de derde klasse met 6-2 van een jeugdteam van Reeuwijk. Het zestal, dat uitkomt in de provinciale hoofdklasse won zijn tweede wedstrijd met 3-6 van De Hofstad Dammers uit Den Haag.

Het viertal

De drie winstpartijen waren het resultaat van grove blunders van de zijde van de Reeuwijkers die met zetjes van één zet diep door de Leidenaren werden afgestraft. Daar valt voor een analyticus weinig plezier aan te beleven. De enige verliespartij van LDG geeft echter wel aanleiding tot wat nadere beschouwing.

VierTalEen

Maaike de Bruin – Quirinius van Dorp

Stand na de 31e zet van wit.

Tot op dit moment is er nog niets bijzonders gebeurd en de stand is dan ook in evenwicht.

(3-9??), 27-21! (26×17), 28-22 (17×28), 34-29!??A (23×45), 32×1. Goed gezien, maar deze afwikkeling had niet meer dan remise moeten opleveren. Spelverloop: (45-50), 37-31 (24-30?B), 31-27 (11-16??C), en na 38-33 kon zwart opgeven.

B) Hier had zwart zich nog kunnen verdedigen met (50-45). Zwart dreigt nu met (24-29) de witte dam te vangen. Wit wil dat voorkomen. Een mogelijk spelverloop is: 31-27 (11-17), 38-33 (24-29), 33×24 (17-21), 27×16 (13-18), 1×23 (45×1). Zwart dreigt nu met (6-11). Wit kan nog spelen 16-11 (6×17), 24-19 (1-18), 19-14 (18-4) en zwart zal dit remise kunnen houden.

C) Dit is de definitieve fout van zwart, maar hij had hier nog remise kunnen maken door (50-28) en nu bijvoorbeeld: 43-39 (28×44), 38-33 (44×31), 36×27 (30-35), 42-38 [Let op dat wit niet 1-45 mag spelen wegens (13-18) en (6-11)] (2-7), 1×9 (35-40) en dank zij de schijven 6 en 11 kan wit de zwarte schijf niet afstoppen.

A) Zoals aangegeven had de combinatie met deze zet niet méér moeten opleveren dan remise, maar wit had hier de combinatie ook een winnende wending kunnen geven: 34-30! (24×44), 43-39 (44×33), 38×18 (13×22), 32×1 en zwart kan de schijfjes in de doos doen.

Het zestal

In de wedstrijd tegen De Hofstad Dammers werd het eerste punt gescoord door Harry Dekker na een partij waarin het evenwicht geen enkele keer werd verbroken.

Het tweede punt werd binnengebracht door Koos van Amerongen, maar dat hadden er ook wel twee mogen zijn. Op meerdere momenten in de partij liet Koos groot voordeel weglopen, maar het meest duidelijke moment deed zich voor op de 52e zet:

ZesTalEen

Hans Jacobsen – Koos van Amerongen

Stand na de 52e zet van wit.

(8-12?), 33-28 (24-29). Dit lijkt overtuigend, maar na 38-33 (29×38), 32×43 (23×21), 30-24×24 liep de partij snel remise.

In de diagramstand kan zwart gemakkelijk winnen door: (17-22), 27-21 (8-12), 21-16 (12-17), enz.

Na deze twee remise volgden drie overwinningen voor LDG. De eerste kwam op naam van Edwin van Hofwegen. Na een wederzijdse doorbraak naar dam, waarbij Edwin wat meer schijven overhield dan zijn tegenstander werd de winst – ondanks een kleine slordigheid onderweg – binnengehaald. Hieronder een aardig tactisch moment uit deze partij.

Frans Teijn – Edwin van Hofwegen

ZesTalTwee

Stand na de 35e zet van wit.

Zwart speelde hier (24-30!?) waarna volgde 38-33 (9-14), 39-34 enz. en wit was weer even onder de zwarte druk vandaan. Zwart had die druk kunnen handhaven door (24-29!). Wit heeft niet beter dan 39-33, want op 28-22 volgt (29-33) en hoe wit ook slaat, altijd volgt (16-21). Na 39-33 volgt (29-34) en na een zet van wit, bijvoorbeeld 28-22 volgt (23-29×30), waarmee zwart zware druk op de witte korte vleugel houdt.

Hans Kreder bracht de voorsprong op vier punten, ondanks dat hij na een eenvoudige winnende doorbraak geweldig begon te knoeien. De doorbraak is niet zo interessant om te laten zien, het geknoei des te leerzamer.

ZesTalKreder

Hans Kreder – Bonne Douma

Stand na de 37e zet van zwart.

Wit staat totaal gewonnen en hoeft met 35-30! de buit alleen nog maar op te halen. Drie voorbeeldjes:

A) (34-40), 45×34 (20-24), 4-15 (24×35), 34-30

B) (34-39), 38-33 (39×28), 4-15

C) (11-17), 30×39 (7-12), 4-18 (20-24), 18×9 (3×14) en wit staat drie schijven voor.

In de partij speelde wit het onooglijke 48-43?? waarna volgde: (23-28!?), 32×23 (19×28), 35-30?? Woorden schieten te kort: (11-17), 30×39 (17-22), 4×27 (28-32), 37×28 (26×48).Wit staat nog steeds een volle schijf voor, maar heeft zich wel onnodig veel problemen op de hals gehaald. In het partijverloop werd de stand steeds meer gelijkwaardig, maar verloor zwart alsnog door een blunder.

Hans gaf als verklaring voor zijn geknoei de ergernis over het feit dat zijn tegenstander in een totaal verloren positie bleef doorspelen. Ik herken dat, maar er bestaat nu eenmaal geen morele verplichting om op te geven. Sterker nog: iedere dammer (en schaker) kent wel voorbeelden uit zijn of haar eigen praktijk waarin verloren partijen werden gered en soms zelfs nog gewonnen. Dat is voer voor mooie verhalen die soms nog jaren later worden verteld. Het is maar net aan welke kant van het bord je zit.

Ik mocht zelf de stand op 2-8 brengen. Ik was zeer tevreden met mijn partij, maar de computer liet zien dat mijn tegenstander in het eindspel nog had kunnen ontsnappen.

ZesTalVier

Hugo Simons – André van der Kwartel

Stand na de 56e zet van wit.

Zwart heeft een mooie stand op het bord die zichzelf lijkt te spelen, maar toch is nog steeds zorgvuldigheid vereist. Eerst het spelverloop: (22-28), 42-38 (18-22), 36-31A (27×36), 38-32 (26-31B) en wit gaf op.

B) Let op: niet (36-41) wegens 32×23 (41×32) en met 23-18 ontsnapt wit nog.

A) Op dit moment had wit zich nog aanzienlijk beter kunnen verdedigen: 38-33 (13-18) [op (27-32) kan volgen 24-20, 39-34 en 37×17] Maar nu kan wit spelen: 24-19 (14×23), 37-32 (27×29), 30-24 (29×20), 25×14. De winst voor zwart lijkt erg ver weg. In de partij heb ik deze mogelijkheid niet gezien.

De belangrijke vraag is dan: had ik deze mogelijkheid kunnen vermijden. Dat had inderdaad gekund, als ik in de diagramstand was begonnen met (18-23), 39-34 [Op 42-38 volgt (13-18)] (23-28), 42-38 (13-18), 36-31 (27×36), 38-32 (28-33), enz. Ook nu kan een lang eindspel volgen, maar dat ziet er gunstiger uit dan in de partij had kunnen ontstaan.

De wedstrijd werd afgesloten met een remise van Casper Remeijer. Hij deed er alles aan, maar kon het evenwicht niet doorslaggevend verbreken. De ongetwijfeld frustrerende eindstand van deze partij was:

ZesTalVijf

Casper Remeijer – Krijn Toet

In deze stand werd remise overeen gekomen. Wit kan de zwarte schijven niet aanvallen. Op 6-11 of 6-17 volgt bijvoorbeeld (29-45) en (12-17) respectievelijk (7-11). Wit kan zijn dam niet terugtrekken naar bijvoorbeeld veld 50, want dan volgt (7-11) met remise. Als wit met zijn dam naar 1 gaat, speelt zwart (29-45) en wit komt niet verder. Ten slotte kan wit nog spelen: 36-31 maar dan volgt (29-18), 31-26 (18-29) en wit zit met dezelfde problemen.

Analyse Evert Dollekamp van partij met onvoltooide hekstelling, opgesloten dam en Coup Turc

Met enkele aanvullende opmerkingen in blauw van Hans Tangelder

Maurits Meijer – Hans Tangelder 2-0 Onderlinge 12-9-2019

1.32-28 18-23 2.34-29 23×34 3.40×29 20-25 4.37-32 15-20 5.41-37 19-24 6.45-40 13-18 7.40-34 9-13 8.50-45 17-22 9.28×17 11×22 10.31-26 14-19 11.44-40 10-14 12.49-44 6-11 13.46-41 5-10 14.37-31 3-9 15.41-37 11-17 16.47-41 22-28 17.33×11 24×33 18.39×28 25-30 19.35×15 14-20 20.15×24 19×50 21.11-6 50×17 22.31-27 7-11 23.26-21 17×26 24.6×17 12×21 25.38-33 18-23 26.42-38 26×42 27.48×37 10-14 28.27-22 13-19 29.32-28 23×32 30.38×27 21×32 31.37×28 8-12 32.41-37 9-13 33.40-34 19-24 34.34-29 24-30 35.43-39 16-21 36.45-40 12-18 37.37-31 18×27 38.31×22 30-35 39.29-23 35×44 40.39×50 13-19 41.33-29 2-7 42.50-44 7-11 43.36-31 21-26 44.31-27 11-16 45.22-17 16-21 46.27×16 26-31 47.17-12 31-37 48.16-11 37-41 49.11-7 4-10 50.44-40 10-15 51.7-2 41-47 52.2×24 47-38 53.40-35 38-43 54.12-8 1-7 55.23-18 43-25 56.28-22 14-19 57.24×13 25-3 58.13-19 3×13 59.18×9

3…20-25 Meestal weet je na een paar zetten al met welke kleur Hans speelt.

5…19-24 Een onvoltooide hek is minder slecht dan een hele. Maar ik zou het niet doen.

MauritsHans1

Stand na 7… 9-13

8.50-45 De vrije velden 45 en 40 zijn ideaal voor het Tegenspelen. Gemiste kans.

10.31-26 Juist!

11.44-40 Brengt zichzelf in de moeilijkheden.

11…10-14 Juist! Dwingt een verzwakking af.

13.46-41 De 2-om-2 naar 15 geeft zwart goed spel. Plus dat hij van de hekstelling af is. Ook de 3-om-3 met 33-29 naar 6 geeft zwart goed spel. Plus dat hij van de hekstelling af is.

MauritsHans2

Stand na 13… 5-10

14.37-31 De 3-om-3 met 32-28 naar 6 geeft zwart goed spel. Plus dat hij van de hekstelling af is.

16.47-41 Zwart kan nu uit de hekstelling ruilen. Maar veel beters was er niet.

MauritsHans3

Stand na 16. 47-41

16…22-28 Mooi gezien! Zwart bevrijdt zich uit de hekstelling en krijgt gewonnen spel.

22…7-11 Een typische Tangelder-zet. Met 18-22, x23 heeft zwart de touwtjes in handen.

23.26-21 Juist!

MauritsHans4

Stand na 25. 38-33

26.42-38 Maurits zou dit even kunnen laten staan. Voor het publiek of zo. 36-31 is helaas geen echte optie. Hoewel: tegen Hans weet je het maar nooit.

27…10-14 13-18 houdt de druk op de ketel.

28.27-22 Haalt de druk van de ketel. Een hele goede zet!

29.32-28 Juist!

MauritsHans5

Stand na 31. 37×28

MauritsHans6

Stand na 40…39×50

Wit heeft nu een mooi centrum. Als 36 op 37 zou staan heeft hij mooie kansen. Maar ja, als telt niet.

41…2-7 Liever met 1 naar 11 lopen.

MauritsHans7

Stand na 49.11-7

49…4-10 Hans speelt vaak zetten waar niemand anders over nadenkt. Na 49…41-46 50.44-40 faalt 14-20 vanwege 7-2!

53.40-35 In het eindspel zoveel mogelijk naar de rand

54…1-7 Hans speelt vaak zetten waar niemand anders over nadenkt.

56. 28-22 Speelt op de Coup Turc

57…25-3 Trapt erin

MauritsHans8

Stand na 58.13-19

Zo wil ik ook wel eens winnen. Een mooie zege van Maurits!

LDG 2 wint bij debuut!

6 afvallige schakers luisteren dus nu al enkele maanden naar de Damgod (laten we deze Maurits noemen voor het gemak). Na wat oefening in de zomercompetitie op de zetjes en wat notatieoefeningen in de interne competitie was het vrijdag 20 september dan zover. Deze  1e wedstrijd mochten we aantreden tegen DEZ uit Reeuwijk. Een jeugdteam waardoor we met een ingekort tempo zouden spelen en noteren in principe niet verplicht is. De Damgod die mee was op reis naar Reeuwijk heeft echter het noteren verplicht gesteld dus daar luister je dan naar. De voorbereidingen leken soepel te verlopen 4 van de 6 waren beschikbaar en met de volledig doordachte opstelling in de hand wat kon er nog gebeuren? Zoals altijd speelt Eelco alleen met zwart dus die was aan bord 4 gezet. Tactiek grootmeester Quirinius nam bord 1 voor zijn rekening terwijl de ervaring in de vorm van Daan en Eric  aan bord 2 en 3 zaten:

1

 

 

 

 

 

 

 

 

Hier ging het dus meteen mis. Bij dammen heeft het uitspelende team blijkbaar zwart aan bord 1! Dit is bij schaken precies andersom dus grote paniek gelijk! Gelukkig was de ontvangst in Reeuwijk prima en konden we met een kopje koffie even kalmeren. Als eerste was Daan klaar die met zijn beruchte flankspel vanuit de opening met een paar schijven aan de haal ging en vervolgens één van zijn schuiven kon kronen tot dam. Een 0-2 voorsprong en een goedkeurende blik van Maurits. De partij van Daan:

2

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vervolgens was het de beurt aan Eelco die in de opening een schijfje won waarmee er gelijk een witte zeer gunstig op 15 kwam te staan. Er werden geen risico’s meer genomen en de partij werd rustig uitgeschoven. Een 0-4 voorsprong derhalve.  Maurits werd gek van vreugde en begon spontaan vuurwerk af te steken op het balkon. Na een korte interventie van de brandweer konden we weer verder:

3

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De partij van Eelco voor de volledigheid:

4

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Eric bouwde zijn stelling zoals we van hem gewend zijn rustig op en kon op enig moment met een 3 om 3 ruil naar dam lopen. Zijn tegenstander verdedigde nog wel taai door de dam terug te winnen maar met 2 schuiven meer schoof Eric dit vakkundig uit. Eric kan duidelijk het best noteren:

5

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een 0-6 voorsprong wie had dat gedacht! Als laatste bleef Quirinius over. In een werkelijk fenomenale partij had de witspeelster een fantastische combinatie. Het moet iets van een Coup Turc Philippe Royal zijn geweest. Echter werd de laatste zet van de combinatie de verkeerde kant uitgevoerd waardoor Quirinius uitstekende kansen op de remise bleef houden. Met dammen op het bord en weinig tijd werd er door een kleine misrekening toch nog een beslissende fout gemaakt waardoor het alsnog misging. Helaas maar de felicitaties ook zeker naar zijn tegenstandster die het met een fraaie combinatie wist af te maken.

6

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Al met al kon dit debuut met een 2-6 overwinning rekeningen op de goedkeuring rekenen van Maurits. Het bleef nog lang onrustig in het Denksportcentrum in Leiden alwaar de partijen nog even werden doorgenomen.

Rest mij Hans en Elly te bedanken voor de gastvrijheid. Succes met het opleiden van de kinderen, een heel mooi initiatief!

De uitslagen nog even op een rij:

r 20-09-2019      DEZ Reeuwijk      Leids Damgenootschap 2   2 6
 Maaike de Bruin (527)  Quirinius van Dorp 2 0
 Willem Slappendel (365)  Daan Binnendijk 0 2
 Lennard Verduijn  Eric van t Hof 0 2
 Sean Turina  Eelco Kuipers 0 2

 

Zestal begint competitie met gelijkspel

Verslag van André van der Kwartel

Het zestal van LDG is de competitie in de provinciale Hoofdklasse enigszins teleurstellend begonnen. Tegen ADC uit Alphen aan den Rijn kwamen de Leidenaren niet verder dan 6-6. Er was wat meer verwacht omdat de gemiddelde teamrating van ADC meer dan 100 punten lager lag dan dat van LDG. Maar als die redenering consequent wordt gevolgd, kunnen we de competitie net zo goed schriftelijk afdoen. Gelukkig moet er voor de punten worden gespeeld en dat leverde een aantal boeiende partijen op. Achteraf blijkt dat LDG wel degelijk de betere kansen heeft gehad.

De partijen aan de hoogste twee borden gaven geen bijzonderheden te zien. Ik had de indruk dat de partijen vooral veel respect voor elkaar hadden. Zelfs in de partij van Hans Tangelder kon de computer geen spannende momenten aangeven. Wel signaleerde de computer een moment waarop de remise wat sneller had kunnen worden overeengekomen:

PC 2019-2020 ADC Alphen ad Rijn - LDG Hans Tangelder - Kenny Kroon
Hans Tangelder – Kenny Kroon

Stand na de 39e zet van zwart.
Wit speelde hier 37-31, maar een verrassende actie zou zijn geweest: 22-18 (13×22), 35-30 (25×43), 32-27 (22×33), 49×7. Een fraaie actie, maar helaas onvoldoende voor de winst.

Bij de stand 3-3 mocht ik LDG op voorsprong zetten. Ook in mijn partij gebeurde niet veel spannends, maar ik had zo langzamerhand wel een uitstekende stand opgebouwd. Het bleek gelukkig niet nodig te bewijzen dat die stand ook te winnen zou zijn:

PC 2019-2020 ADC Alphen ad Rijn - LDG André van der Kwartel - Martijn de Vries
André van der Kwartel – Martijn de Vries

Stand na de 44e zet van wit.
Wit staat voortreffelijk en dreigt tegelijkertijd met een zetje. (8-12??) Zwart ziet het niet. 37-31 (26×37), 27-21 (16×27), 28-22 (27×18), 38-32 (37×28), 33×15. Enkele zetten later gaf zwart op. Het zetje is bekend als “het zetje van Weiss”.
In de diagramstand kan zwart met (8-13) het zetje eruit halen, Grappig is dat zwart met (3-9) het zetje ook kan toelaten. Als wit dan dezelfde afwikkeling neemt, moet hij vanwege de meerslagregel nog steeds naar veld 15 slaan, waarna zwart (9-14) speelt en de stand remise houdt.

Hans Kreder had LDG definitief op winst kunnen zetten, maar miste tot twee keer toe een aantoonbare winst. De eerste keer was op de 27e zet.

PC 2019-2020 ADC Alphen ad Rijn - LDG Thomas van der Klis - Hans Kreder 1
Thomas van der Klis – Hans Kreder

Hans speelde hier (7-11!?) en dat ziet er dreigend genoeg uit. Spelverloop: 43-39 (17-22), 28×17 (11×22). De schijfwinst lijkt binnen voor zwart, maar wit heeft nog een verdediging: 38-32 (27×38), 42×33 (13-19), 24×13 (8×28), 36-31! Zwart moet zijn schijf winst weer inleveren. Er dreigt 31-27 en dat volgt ook op (28-32). In de partij speelde Hans (20-24), waarna een gelijkwaardige stand overbleef.
In de diagramstand had Hans winst kunnen forceren door (18-22!). 38-33 is nu verhinderd door (27-32) en (13-19). Dus zal moeten spelen: 43-39 (22×33), 39×28 en nu pas (7-11). Wit heeft nu niet veel beter dan 38-32 (27×38), 42×33. Maar dan volgt (17-22×22) en wint zwart een schijf met (13-19).

Hans zou op de 44e zet een tweede kans krijgen.

PC 2019-2020 ADC Alphen ad Rijn - LDG Thomas van der Klis - Hans Kreder 2
Thomas van der Klis – Hans Kreder

Hans speelde hier (23-28) en na 39-34×43 (22-28!?) [(13-19×9) was nog aanzienlijk sterker] vervlakte de stand snel.
In de diagramstand had zwart een zogeheten stille zet moeten spelen: (2-7!). Wit heeft nu geen mogelijkheid meer om verdedigende ruilen in de stand te houden. Bijvoorbeeld: 39-34 (23-28). Wit heeft nu geen goed tempo. Dus 33-29 (28-32), enz. Een tweede voorbeeld: 30-25 (13-19×9) en wit heeft geen goede zet meer. Op 39-34 volgt weer (23-28) enz.

Daarmee was het gelijkspel een feit, want het was al langer duidelijk dat Steven den Hollander zou gaan verliezen. De basis van dat verlies lag in een wat al te groot enthousiasme om er een complexe partij van te maken.

PC 2019-2020 ADC Alphen ad Rijn - LDG Martijn van der Klis - Steven den Hollander
Martijn van der Klis – Steven den Hollander

Stand na de 18e zet van wit.
Zwart kon de verleiding niet weerstaan om met de zet (16-21) de spanning op te voeren, maar de computerwaardering van de stand verschuift na deze zet van ‘gelijkwaardig’ naar ‘nadelig’ voor zwart. De computer adviseert: (18-23), 32×21 (16×27) met een gelijkwaardige stand. Na (16-21) zal zwart niet aantoonbaar verloren staan, maar in de praktijk kwam zwart het opgelopen nadeel niet meer te boven.

Derde prijs voor LDG in zilveren ooievaar toernooi

André van der Kwartel

Op 31 augustus werd de 30e editie verspeeld van het Zilveren Ooievaar Toernooi. In het verleden werd dit toernooi jaarlijks georganiseerd door de damclub Den Haag. Nadat dit toernooi een aantal jaren van de damkalender was verdwenen, besloot de Stichting The Hague Open deze traditie met ingang van 2019 nieuw leven in te blazen.

De opzet van het toernooi is dat er door de deelnemende teams (viertallen) in slechts drie (rapid) ronden een volledige competitie wordt gespeeld. Dit wordt gerealiseerd door te spelen volgens het zogenaamde VOS-systeem. Hierbij spelen in één wedstrijd de leden van één team tegen leden van verschillende andere teams. Dus bijvoorbeeld: de eerste speler van LDG speelt tegen de eerste speler van Den Haag. De tweede speler van Leiden speelt tegen de tweede speler van Dordrecht, enz. Op die manier komen alle teams elkaar in wisselende samenstellingen tegen. Hoewel er een zekere geluksfactor bij komt kijken, is het toch een aardige manier om in een beperkt aantal rondes een competitie te spelen, waarin alle teams elkaar op de een of andere manier tegenkomen.

Aan het toernooi namen zestien teams deel, naar sterkte verdeeld over twee groepen van acht. Het Leids Damgenootschap speelde in de sterkste groep en bereikte daarin de derde plaats achter Den Haag 1 en IJmuiden, maar vóór de teams van respectievelijk Dordrecht, Haarlem 1, Haarlem 2, CEMA/DVZ en Hilversum. Overigens moet hierbij worden vermeld dat het Leidse team door allerlei omstandigheden met slechts drie spelers naar Den Haag was getogen. Gelukkig waren Jan Kok (Den Haag) en Ron Tielrooij (Haarlem) bereid om als invaller de vierde plek op te vullen. Jan Kok speelde een partij remise en wist een partij te winnen en ook Ron Tielrooij leverde een bijdrage aan het Leids succes met een remise.

Een paar technische fragmenten ter verhoging van de feestvreugde:

Zoals verwacht mocht worden behaalde Casper de hoogste score van het team: 5 uit 3. Ook in rapid partijen heeft hij de tijd om de notatie bij te houden. Daarom kan ik uit ieder van zijn drie partijen een fragment laten zien:

GortelCasper

Martijn van Gortel – Casper Remeijer

De witspeler maakt hier een nauwelijks zichtbare fout die onmiddellijk door Casper wordt afgestraft: 33-28? (24-30!), 35×24 (19×39). Wit staat voor een keuze uit twee kwaden. Slaan met schijf 43 verliest een schijf door (26-31), 28×19 (31×22) en de schijf op 19 gaat verloren. In de partij koos wit dan ook voor de andere mogelijkheid: 28×19 (13×24), 43×34 . Maar nu krijgt hij te maken met een onhoudbare aanval op zijn korte vleugel: (24-30!). Wit accepteerde nu schijfverlies door 32-28 te spelen. Als hij wegloopt met 34-29, schuift zwart door met (30-35) en breekt door naar dam.

Ook de tweede ronde leverde een overtuigende winst op voor Casper. Maar toen ik aan de computer vroeg of zijn tegenstander zich niet beter had kunnen verdedigen, kwam daar een verrassend antwoord op.

CasperKnoops

Casper Remeijer – Nico Knoops

Zwart aan zet.

Wit heeft een dreigende aanval op schijf 24 en in de partij komt die er helemaal uit:

(3-9!?), 44-40 (9-14), 43-39 (14-19), 34-30 (7-11), 39-34 (11-17), 49-43 (17-22), 43-38 en de schijfwinst is gerealiseerd.

Toch had zwart zich in de diagramstand beter kunnen verdedigen en wel door: (10-14!).

34-29 wordt nu verrassend weerlegd door (27-32), 29×9 (32×41), 36-31 (3×14), 47×36 (14-20), 25×14 (13-19), 14×23 (18×47). 34-29 voorbereiden met 37-31 gaat niet wegens (24-30!), 35×24 (14-19).

Na (10-14) lijkt de aanval van wit op schijf 24 niet door te slaan. Bijvoorbeeld: 42-38 (5-10), 34-29 (3-9), 29×20 (10-15), enz.

In de derde ronde speelde Casper remise. Hij koos voor een verrassend zetje, maar had beter rustig verder aan zijn stand kunnen bouwen.

BosKasper

Jesse Bos – Casper Remeijer

Casper kon de verleiding niet weerstaan om 34-29 te beantwoorden met (17-22!?), 28×30 (25×45). Dat gaat soms goed, maar in dit geval had zwart te weinig verdediging en wit te degelijke formaties om winnend voordeel te verkrijgen.

Zwart had na 34-29 beter kunnen vervolgen met (12-18). Het ziet er dreigend uit, maar bij goed spel houdt wit remise.

Hans Tangelder (2 uit 3) had zijn partijen ook genoteerd, maar kon er achteraf maar één reconstrueren. Helaas alleen van zijn enige verliespartij. Hieronder het beslissende fragment.

HansDeGroot

Hans Tangelder – Gerard de Groot

Hans speelde hier 39-33 en gaf na (17-22), 27-21 (18-23), 49-44 op.

In de diagramstand had Hans remise kunnen forceren door: 47-41 (36×47), 27-21 (47×50), 21×1 (18-22), 1-45 en de dreiging 25-20 verzekert de remise.

Zelf scoorde ik 4 punten in 3 ronden.

In de eerste ronde behaalde ik een gemakkelijke overwinning:

LangerakAndree

Jaap Langerak – André van der Kwartel

Wit aan zet.

Een eenvoudig zetje dat iedere dammer een keer gezien moet hebben: 48-43?? (24-29), 33×24 (23-29), 24×33 (14-20), 25×23 (18×47) en wit gaf op.

In de tweede ronde had ik het geluk te winnen door tijdsoverschrijding van mijn tegenstander. In de derde ronde maakte ik het mijzelf onnodig moeilijk, waardoor ik in tijdnood een verrassende remise miste:

AndreeRompa

André van der Kwartel – Simon Rompa

Wit aan zet.

In tijdnood meende ik te zien dat wit vast zou lopen en daarom koos ik voor het kansloze 31-27, 28-23, 38-32 en 33×11. Maar dat kon ik enkele zetten later opgeven.

Wat had ik gezien en wat had ik moeten zien?: 39-34 (2-7), 34-29 (7-12), 29-23A (19-24), 31-26 (25-30). Ik dacht dat wit hier kon opgeven, maar had ik maar één zet verder gekeken: 32-27! (21×43), 26-21 (17×26), 28×8 met remise.

A) Hier direct 31-26 verzekert wit ook van de remise.

Open Leids Sneldamkampioenschap

Hierbij nodigt LDG u van harte uit om mee te doen aan het open Leids sneldamkampioenschap volgende week donderdag 5 september 2019.

Wat: open Leids sneldamkampioenschap

Wanneer: 20:00 uur, donderdag 5 september 2019

Waar: Denksportcentrum Leiden, Robijnstraat 4

Speeltempo: 5 min. + 3 s/zet

Toernooivorm: 7 rondes Zwitsers

Kosten: gratis

Aanmelden: vrij inloop, aanmelden niet nodig, gaarne voor 20:00 uur aanwezig zijn

Marc Bremer overtuigende winnaar zomercompetitie 2019

Marc Bremer schitterde gisterenavond door afwezigheid, maar heeft wel door niet te spelen zijn eerste plek veiliggesteld. Met een indrukwekkend eigenmoyenne van 1,800 en een totaalmoyenne van 1,614 heeft Marc met een ruime marge de zomercompetitie gewonnen. Op de tweede plaats is geëindigd Casper Remeijer met een score van 1,425 en op de derde plaats Koos van Amerongen met een score van 1,401. Cruciaal was de mooie overwinning van Marc op Casper van vorige week. Zie ook de analyse van Casper op Toernooibase.

Marc heeft met zijn indrukwekkende overwinning een leuk prijsje gewonnen. Dit jaar kent de zomercompetitie voor het eerst prijswinnaars, waarbij iedereen kans maakt op een prijs met ratingklassementen en juryprijzen. Alle prijswinnaars op een rijtje:

  • Marc Bremer, winnaar zomercompetitie
  • Maurits Meijer, winnaar ratingklassement t/m 1150
  • Dick den Ouden, winnaar ratingklassement t/m 1000
  • Daan Binnendijk, beste dammende schaker
  • Marco de Leeuw, grootste opwaartse ratingoverwinning
  • Arjen de Mooij en Evert Dollekamp, mooiste blunder
  • Quirinius van Dorp, troostprijs

Marco leidde voorafgaand aan de laatste speelavond het ratingklassement t/m 1150 met een ruime marge op Maurits (1,278 vs. 1,094), maar moest door twee nederlagen de overwinning aan Maurits laten die de laatste avond twee keer wist te winnen. Gelukkig voor Marco (1123) stond hij ook bovenaan het klassement van de grootste ratingoverwinning met een knappe overwinning op Evert Bronstring (1275, 152 rating verschil) en kwamen er de laatste avond geen blauwe overwinningen meer bij. Marco bezet overigens ook de derde plaats in dit klassement door ook de andere Evert, Evert Dollekamp (1253, 130 verschil), te verschalken.

Door de mooie deelname van een contingent enthousiaste, dammende schakers heeft de jury besloten ook een prijs uit te reiken aan de beste dammende schaker naast de aangekondigde ratingsklassementen en grootste ratingoverwinning.
Het aanbod aan mooie combinaties was enigszins teleurstellend en dus heeft de jury, bestaande uit Steven den Hollander en Casper Remeijer, de mooiste blunder uit het grote aanbod blunders beloond met een juryprijs. Deze ging naar Arjen de Mooij en Evert Dollekamp voor een wederzijdse blunder.

LDG zomercompetitie 2019 Arjen de Mooij - Evert Dollekamp foto

Arjen staat op de foto hierboven verloren, maar heeft zojuist 36-31 gespeeld om de dam van Evert te vangen. Evert slaat echter 27×36!, waarop Arjen Evert duidelijk maakt dat dat een onreglementaire zet is door “Je moet hierheen slaan.” te zeggen en naar veld 30 te wijzen. Dus Evert slaat braaf 26×30 en na 47×9 4×13 35×24 werd het remise. Beide spelers misten totaal de slag 26×15 waarna de witte dam gevangen wordt door 47×9 4×13 en zwart makkelijk wint.

De troostprijs gaat naar Quirinius die niet één maar maar liefst twee keer in het Haarlemmerzetje is gelopen. Hiervoor krijgt hij een mooi Haarlems aandenken om hem te helpen herinneren:
Haarlem
Zoals Peter tijdens de prijsuitreiking terecht opmerkte had dit natuurlijk eigenlijk een Haarlemmersetje moeten zijn met een tweede exemplaar erbij.

Tot slot nog een combinatierijk fragment van de laatste speelavond. In onderstaande stand is Marco aan zet tegen Casper. Wit staat beter door zijn centrumcontrole en doordat de zwarte korte vleugel speelvrijheid mist.

LDG zomercompetitie 2019 15 Casper Remeijer - Marco de Leeuw
Casper Remeijer – Marco de Leeuw

Marco speelde hier 31. … 11-16, werd verrast door de dreiging 32. 38-33, raakte de kluts kwijt en speelde 32. … 4-9?, waarna Casper damhaalde middels 33. 24-19 13×24 34. 28-22 17×28 35. 33×4 24×35 36. 4×31 en later won. De slotstand is ook aardig met een leerzaam geintje waardoor Marco niet door kan breken, zie de partij op Toernooibase. Beter was het om in de diagramstand 31. … 3-9 te spelen. Als wit dan 38-33 speelt, kan zwart na 9-14 de schijfwinst met 28-22 17×28 33×31 beantwoorden door met 14-19 schijf 24 te winnen. Opvangen met 40-35 19×30 35×24 mag dan niet, omdat zwart voorbereidt met 12-17 en 4-9 en daarna schijf 29 er tussenuit haalt.
Na 31. … 3-9 kan wit beter 32. 28-23 spelen en toen kwam mijn computer tot mijn verrassing met de zet 32. … 2-8 op de proppen. Dit is een zeer a-positionele zet die een mens niet snel zal spelen, maar de computer ziet natuurlijk dat de logische zetten 9-14 en 17-22 verhinderd zijn. Het idee is het hetzelfde, maar de combinatie na 32. … 9-14 is het fraaist: 33. 23-19 14×23 34. 36-31 27×36 35. 26-21 17×26 36. 46-41 36×47 37. 49-44 47×33 38. 39×6!
32. … 2-8 heeft ook nog een andere functie en dat zien we na de logische zetten 33. 39-33 17-22 34. 46-41 9-14. Wit is nu verplicht tot 35. 41-37, omdat het volgende dreigt: 13-19! 24×2 25-30 2×32 30×46 met winst voor zwart.

De eindstand vind je hier en de partijen voor zover ingevoerd zijn op Toernooibase te vinden. Tot volgend jaar!

Rotterdams Open 2019

André van der Kwartel

Van 14 tot 20 juli vond in het sportcomplex van de Erasmus Universiteit het jaarlijkse Rotterdams Open damtoernooi plaats. Het toernooi kende 128 deelnemers, waaronder twaalf internationaal grootmeesters. Ook drie Damgenoten deden mee: Steven den Hollander. Hans Tangelder en Hein van Winkel. Hans eindigde op de 26e plaats met 11 uit 9. Steven eindigde ongeslagen op de 38e plaats met eveneens 11 uit 9. Hein kwam op plaats 106 terecht met 7 uit 9.

Het is gebruikelijk bij dit type toernooien dat in de eerste rondes spelers met een hoge rating worden gekoppeld aan spelers met een duidelijk lagere rating. Die geleide loting leidde er dit jaar toe dat Hans Tangelder in de eerste ronde ‘mocht’ aantreden tegen Alexander Georgiev. En Hans had voor een kleine sensatie kunnen zorgen….

GeorgievHans

Alexander Georgiev – Hans Tangelder

Stand na de 32e zet van wit.

In de partij volgde: (13-19??), 32×23 (19×28), 42-38 (31×42), 39-34 (28×39), 34×43 (42×24), 30×10 en Hans kon enkele zetten later opgeven.

In de diagramstand had Hans echter ook een verrassende remise-combinatie uit kunnen halen: (17-21!!), 26×10 (16-21!!), 37×17 (28×48), 17×28 (48×5) en wit heeft dan nog geluk: 30-24 (x), 33-28 (x30), 35×24 met remise. Juist van Hans hadden de meeste van ons Damgenoten verwacht dat hij zo’n slagzet er wel uit had kunnen halen.

Ook Hein van Winkel had in die eerste ronde een opvallend resultaat kunnen boeken, maar in een gelijkwaardige stand tegen Andrew Tjon A Ong beging hij een kleine slordigheid:

AndrewHein

Andrew Tjon A Ong – Hein van Winkel

Stand na de 41e zet van wit.

Na bijvoorbeeld (3-8) is de stand vrijwel in evenwicht. Maar Hein kwam op de onzalige gedachte om (17-21??) te spelen. Nu volgde een eenvoudig, maar toch wat verborgen zetje: 47-42 (36×47), 42-37 (47×33), 39×26 en Hein gaf op.

Zoals hierboven al aangegeven, geniet Hans Tangelder een zekere bekendheid voor het uitvoeren van verrassende slagzetten. Maar hij kan ook winnen met subtiele zetjes.

HansMoens

Hans Tangelder – John Moens

Stand na de 24e zet van wit.

De toeschouwer krijgt de indruk dat zwart de witte dreiging totaal niet ziet: (12-18??), 34-30!! Geen spektakel, maar de stand is wel gelijk uit. Zwart kan niet laten slaan, want op grond van de meerslagregel moet zwart met schijf 14 slaan, waarna wit op dam komt met 25×5. Op (13-19) volgt 28-23 (19×39), 30×19 (14×23), 25×5. Behalve dat wit een dam heeft, gaat ook schijf 39 nog verloren. Zwart speelde nog (18-22) en (4-9) en gaf toen maar op.

Een enkele keer had Hans niet over geluk te klagen. Wat te denken van het onderstaande fragment?

ThomasHans

Thomas Wielaard – Hans Tangelder

Stand na de 12e zet van wit.

Twee sterke dammers die beide een zetje over het hoofd zien. Altijd weer bijzonder: (17-21??), 37-32?? Beide spelers overzien: 31-26! (21×23), 26-21 (16×27), 34-30 (25×34), 40×16 en wit verovert de zwarte schijf op 27.

Later in de partij zou Hans ook nog ontsnappen uit een stand die positioneel helemaal verloren was.

Hans had trouwens in dit toernooi wel vaker geluk. Wat te denken van het volgende fragment:

HansOlga

Hans Tangelder – Olga Balthazy

Stand na de 37e zet van zwart.

46-41? [Misschien geeft 47-41 meer verdediging omdat (23-28) dan direct wordt beantwoord met 37-32.] (7-11!?) [De interessante vraag is of zwart hier een schijf had kunnen winnen. Met behulp van de computer kom ik na (23-28) tot de volgende scherpe spelgang: 39-34 (18-23), 34-30 en nu zijn er twee acties voor zwart mogelijk die beide winnend lijken:

A) (13-19), 24×13 (27-31)

B) (14-20), 24-19 (13×24), 30×19 (23×14), 38-32 (27×38), 43×23 (20-24), 49-44 (14-20), 35-30 (24×35).

Het gaat wat ver om in dit verslag de diagramstand grondig uit te analyseren, maar mijn voorlopige indruk is dat zwart hier de winst heeft gemist.

Steven den Hollander won na een complexe partij van Harry Clasquin. Hieronder de stand na de 31e zet van zwart.

StevenHarry

Steven den Hollander – Harry Clasquin

47-42!? [Sterker lijkt 31-26 omdat daarmee (23-29) niet speelbaar is wegens 28-23.] (4-9?) [Zwart komt nu in het nadeel. Zoals gezegd had zwart zich hier kunnen verdedigen met (23-29). Een enkel voorbeeld: 42-37 (17-21), 44-40 (21-26) en nu wordt 28-23 enz. beantwoord met de plakker (16-21). Ook de afwikkeling na (23-29) moet even bekeken worden: 28-23 (19×26), 30×10 (17-21), 25×14 (21×34), 33×24 (15-20!), 24×15 (34-39), 44×33 (13-19), 14×23 (18×47)] 31-26 (17-21), 26×17 (12×21), 42-37 (8-12), 44-40 (12-17), 39-34 (7-11) [De zwarte stand was al reddeloos verloren, maar nu volgt ook nog eens een winnend offer:] 27-22 (18×27), 34-29 (23×34), 40×29 (13-18), 45-40 [Wit kan al met 28-23 enz. een winnende afwikkeling nemen, maar dan kan zwart met de schijf op 39 nog op dam komen. Waarom al die moeilijkheden toelaten? De winst loopt niet weg.] (9-13), 28-23 (19×39), 30×8 en zwart gaf op.

Tot slot een leerzaam fragment uit een partij van Hein van Winkel

MarianneHein

Marianna Fedorova – Hein van Winkel

Stand na de 39e zet van wit.

De stand is vrijwel gelijkwaardig, maar met zijn volgende – onschuldig ogende – zet komt hij vrijwel verloren te staan. (12-18?) Het is leerzaam om te zien hoe de witspeelster hierop reageert: 43-39 (14-20), 34-30 (20-24), 30-25 De zwarte stand wordt steeds meer ingeklemd. (24-29) [nog wat meer verdediging geeft (23-29)] 40-34 (29×40), 45×34 (21-26) [Wat anders?] 39-33. Zwart staat verloren. Hij probeerde nog: (16-21), 27×16 (18-22), maar met 16-11 (17×6), 28×17 werd deze actie van zwart weerlegd. Enkele zetten later gaf zwart op.

In de diagramstand moet zwart zijn stand flexibel houden met bijvoorbeeld: (14-20), 43-39 (20-24), 39-33 (15-20) en de stand wordt verder vereenvoudigd na ofwel 34-29 en (20-25) ofwel 37-31 (21-26).